Gijs brengt het eerste oerwoudvrije ei van Nederland naar de supermarkt. Het is te krijgen bij supermarkt PLUS en wordt gelegd door kippen die zijn gevoerd met honderd procent Europees veevoer. Dat is een belangrijke stap naar meer lokaal veevoer.

Het oerwoudvrije ei is het product van een pilot, waarmee Milieudefensie wil laten zien dat veevoer uit Europa een betaalbaar en duurzaam alternatief is voor importsoja uit Zuid-Amerika.

Grootschalige import van soja is onhoudbaar
Nederland is na China de grootste importeur van soja. Ieder jaar komt via onze havens zo'n 9 miljoen ton soja binnen. Ruim twee derde hiervan wordt direct weer geëxporteerd. De Nederlandse veehouderij gebruikt ongeveer 2 miljoen ton soja als veevoer. Doordat de veehouderij groeit, neemt de vraag naar soja toe en is er steeds meer landbouwgrond nodig. Dat heeft grote ecologische en sociale gevolgen. Alleen al in de Amazone wordt jaarlijks ruim 600.000 hectare natuur per jaar ontgonnen. Dat verdrijft lokale boeren van hun land en zorgt voor snelle uitbuiting van de lokale kringlopen van voedingsstoffen voor de bodem en water.

Dat leidt tot een absurde onbalans. In Zuid-Amerika degradeert de bodem en in Nederland blijven we zitten met een massaal mestoverschot waarvan we niet weten hoe we het weg moeten krijgen.

De oplossing ligt dichter bij dan je denkt
Als we ons eigen veevoer gaan telen, herstellen we die balans. In Europa is daarvoor voldoende landbouwgrond voorhanden, vooral in Oost-Europa is nog veel landbouwgrond ongebruikt. Het vervangen van soja door in Europa geteelde eiwitgewassen heeft naast het voorkomen van ontbossing nog andere voordelen. De milieubelasting door water en het energiegebruik dat nodig is voor het maken van kunstmest kan worden verminderd. Daardoor kunnen de voer-mest-kringlopen beter worden gesloten (Balkema et al, CLM, 2014).

Jacomijn Pluimers
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Die wens steekt achter het eerste oerwoudvrije ei dat nu onder naam Gijs-ei 'gewoon' te koop is. In deze pilot werkt Milieudefensie samen met kippenboer David Janssen, StreekSelecties B.V., Ruud Zanders van het Pluimhuis en supermarkt Plus. Het voer van de vrije uitloopkippen van boer David Janssen bevat alleen Europese ingrediënten. Stapsgewijs worden alle ingrediënten voor het veevoer uit Nederland gehaald. Hiermee laat Milieudefensie zien dat er een goed alternatief voor de schadelijke soja uit Zuid-Amerika bestaat. Zowel boer als consument krijgen zo een lokaal product voor een prijs waar ze beiden mee uit de voeten kunnen.

david_janssen_met_blij_ovrij_ei
David Janssen met zijn (ook live te bekijken) oerwoudvrije leghennen


Oerwoudvrij scoort goed
QuestionMark, de organisatie die via een app de duurzaamheid van consumentenproducten ijkt, heeft het nieuwe oerwoudvrije ei voor ons geanalyseerd. Daarbij houdt QuestionMark rekening met de effecten op volksgezondheid, milieu, mensenrechten en dierenwelzijn. Het Gijs-ei scoort boven alle andere thans verkrijgbare eieren. Het oerwoudvrije ei krijgt drie sterren Beter Leven Kenmerk van de Dierenbescherming. De hoge score wordt mede verklaard doordat QuestionMark waardeert dat het veevoer geen importsoja bevat.

Een veehouderij die past in Nederland
Milieudefensie wil een gezonde veehouderij die past bij Nederland. Die produceert voor de eigen vraag, is divers en weerbaar voor zowel de grillen van de markt als voor ziekten en plagen. Een veehouderij die zich richt op kwaliteit in alle opzichten en waarin boeren het begin en niet het sluitstuk van de rekening zijn. Een echt Nederlands product is immers niet oneindig beschikbaar en dat zorgt voor een faire prijs die de markt weer zelf zal kunnen bepalen. Dat is waar onze toekomst ligt.

Jacomijn Pluimers is Campagneleider Duurzaam Voedsel bij Milieudefensie

*Balkema, A.J., C.W. Rougoor en F.C. van der Schans, 2014. Monitor Regionaal Eiwitrijk veevoer. Monitoring van het gebruik van regionaal eiwitrijk veevoer conform doelstellingen van het Verbond van Den Bosch, Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM), Culemborg

Fotocredits: Gijs
Dit artikel afdrukken