Annet Roodenburg
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


In mijn gesprekken voor mijn blogserie over levensmiddelenproducenten komen veel voorbeelden langs van productverbetering, zoals verlaging van suiker in nieuwe producten van Coca-Cola. Maar, wat ik graag zou willen weten is de absolute hoeveelheid suiker die Nederlandse producenten jaarlijks in hun producten stoppen. De concrete kilogrammen dus. Levensmiddelenproducenten weten natuurlijk precies hoeveel ze inkopen en Royal Cosun weet hoeveel suiker het bedrijf op de markt brengt.

Levensmiddelenproducenten weten natuurlijk precies hoeveel ze inkopen, en Royal Cosun weet hoeveel suiker ze verkopen
Echte transparantie
Immers, wanneer je die cijfers publiceert wordt echt transparant hoe serieus een bedrijf zijn gezondheidsambities neemt. Even los van de vraag of die producten nu in Nederland of over de grens verkocht worden. In de NRC-bijlage vond ik het antwoord dus niet. Een vergelijkbare vraag stelde ik vorige week over Coca-Cola: hoeveel suiker wordt door Coca-Cola op de wereldmarkt verkocht via hun producten? Het bleef stil.

Relatieve doelstellingen zijn nietszeggend
We eten te veel suiker (energie), zout en verzadigd vet. Suiker in dranken is een bewezen dikmaker. Bedrijven vertalen hun maatschappelijke verantwoordelijkheid daarin naar relatieve doelen. Coca-Cola heeft bijvoorbeeld in het nieuwe duurzaamheidsplan staan dat, tussen 2010 en 2025, 50% van hun omzet calorievrij of caloriearm zal zijn. Maar eigenlijk zegt dit weinig over het effect van Coca-Cola op de gezondheid van de bevolking. Die wordt immers bepaald door de totale hoeveel suiker die Coca-Cola op de markt brengt. Ook het Nederlandse Akkoord Verbetering Productsamenstelling kent van die relatieve doelstellingen.

Niets is eenvoudiger dan registeren van hoeveel suiker Nederlandse voedingsmiddelen bedrijven inkopen en op de markt zetten
Leren van het klimaatbeleid
Hier kunnen we wat leren van het klimaatbeleid. Daar hebben we het thuis vaak over omdat ik getrouwd met een milieuman ben. Ook daar kende Nederland 20 jaar lang relatieve doelstellingen voor bedrijven. Om hun energie-efficiency te verbeteren. Dat werkte een tijd lang best goed, maar pas toen er een monitoringsverplichting kwam voor de totale CO2-uitstoot van grote bedrijven, werd duidelijk dat die CO2-uitstoot weinig veranderde. Want de efficiency verbetering werd overruled door een hoger productie-volume. En nu gaat het klimaatbeleid naar een volgende fase: in het ‘Parijs’-akkoord hebben bijna alle landen van de wereld afgesproken dat de CO2-emissies naar bijna-nul moeten in 30 jaar tijd. Het nieuwe kabinet heeft dat vertaald naar een halvering (-49%) van de broeikasgassen in 2030. En die absolute doelstelling wordt vastgelegd in een wet.

Suikerregistratie
Ik pleit voor een behandeling van suiker naar analogie van Parijs. Niets is eenvoudiger dan registeren hoeveel suiker Nederlandse voedingsmiddelenbedrijven inkopen en via producten op de markt brengen. Leg vast hoeveel die inkoop omlaag moet in tonnages. Daarna kunnen we hetzelfde doen voor zout en verzadigd vet (of palmolie).
Dit artikel afdrukken