De energie - de calorieën - die we opnemen volgt een eenvoudig principe. Er komt wat in en er gaat iets uit. Wat overblijft dat ben jij. Gaat er meer energie in dan eruit gaat, dan is er simpelweg meer van jou.

Dat principe is al ontelbare malen bevestigd sinds Wilbur Atwater (1844-1907) de indirecte calorimetrie uitvond. Weinigen twijfelen nog aan het beginsel van de energiebalans. Maar deze theorie verklaart niet waaróm mensen overeten. Dat zou Gary Taubes' insuline-koolhydraathypothese van gewichtstoename wel kunnen. Deze hypothese, hier verder afgekort tot de insulinehypothese, zou de obesitasepidemie wel kunnen verklaren.

'Vetzucht is een insulinestoornis'
Insuline is een hormoon dat betrokken is bij het opslaan van vet in de vetcellen. Naar verluidt, heeft dr. Wilhelm Falta als eerste in 1923 geopperd, dat vetzucht een insulinestoornis is. Als de insulineconcentraties in het bloed hoog zijn, dan neemt de vetopslag toe en de vetverbranding af. Het is duidelijk hoe een dergelijk hormoon snel een slechte reputatie kan krijgen bij een slankminnend publiek. Aangezien het eten van koolhydraten (suikers) de productie van insuline stimuleert, zijn koolhydraten onlosmakelijk deel gaan uitmaken van de vervettende as van kwaad.

Het vet zou door de insuline worden 'gegijzeld' en aangezien de rest van het lichaam daardoor energie onthouden wordt, blijft men eten
De gezaghebbende journalist Gary Taubes populariseerde deze hypothese met zijn boek 'Good Calories, Bad Calories'. De obesitasepidemie zou volgens Taubes niet een kwestie van een toename in calorieën zijn, maar van koolhydraten. Het vet zou door de insuline worden 'gegijzeld' en aangezien de rest van het lichaam daardoor energie onthouden wordt, blijft men eten. Volgens sommige voorstanders van deze hypothese zou het minderen van koolhydraten ook nog eens leiden tot een hogere energie-uitgifte.

20 calorieën per dag
Taubes is niet alleen journalist, maar ook een activist. Hij schrijft, spreekt en organiseert. In een van zijn blogs refereert hij aan een hoofdstuk, 'The significance of twenty calories a day', uit zijn nieuwe boek. Daarin stelt hij dat het heel gemakkelijk is om 20 kcal per dag te overeten, want dat gaat uiteindelijk maar om een of twee hapjes aan voedsel of een paar slokken frisdrank extra. Met die 20 kcal bij elkaar opgeteld zou je na 20 jaar zo'n 20 kg zwaarder zijn, als je aanneemt dat een pond vet 3.500 kcal is.

Chi L. Chiu
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Taubes verwondert zich over het gegeven, dat zowel slanke als obese mensen jarenlang hetzelfde gewicht kunnen behouden, aangezien 20 kcal minder is dan 1 procent van de gemiddelde daginname. Hij vraagt zich af waarom niet iedereen dik is, aangezien het wel heel gemakkelijk is om ongemerkt over je daginname heen te schieten. Hij vindt de suggestie, dat obesitas een kwestie van overeten is, daarom te simpel. Dan zou immers iedereen te dik moeten zijn. Omdat dat niet zo is, zoekt hij de verklaring in zijn hormoon-gedreven insulinehypothese.

Taubes vindt de suggestie, dat obesitas een kwestie van overeten is, daarom te simpel. Dan zou immers iedereen te dik moeten zijn. Omdat dat niet zo is, zoekt hij de verklaring in zijn hormoon-gedreven insulinehypothese.
'Het zelfremmend effect van gewichtsfluctuatie'
Hoewel zijn verwondering alleszins plausibel klinkt, blijkt uit zijn voorbeeld dat hij de energiebalans niet begrijpt of verkeerd presenteert. In zijn gesimplificeerde weergave van de energiebalans houdt hij geen rekening met de energiekosten voor toegenomen massa. Als mensen iets zwaarder worden, dan neemt hun energiebehoefte om het 'nieuwe' lichaam te onderhouden en te verplaatsen eveneens toe. Weldra zullen deze meeruitgaven de 20 kcal overstijgen en bereikt men een nieuw evenwicht. Ik weet eerlijk gezegd niet of er een naam is voor, maar ik noem dit fenomeen 'het zelfremmend effect van gewichtsfluctuatie'.

Het 20 kcal probleem van Taubes is dus helemaal geen probleem. Het is gewoonweg niet mogelijk om dik te worden van 20 kcal extra. Aangezien het zelfremmend effect twee kanten uitwerkt, kan het gewicht zonder tussenkomst van hormonen of uitzonderlijke calorietelvaardigheden, jarenlang binnen een bepaalde bandbreedte blijven. Je hebt namelijk een flink exces aan calorieën nodig om buiten deze bandbreedte te treden. Hoeveel dat is, kun je het beste vragen aan échte experts van de energiebalans, zoals de Amerikaanse onderzoeker Kevin Hall.

Gevalideerd model
Dr. Kevin Hall en zijn collegae zijn experts op het gebied van de energiebalans en werken al jaren aan wiskundige modellen om menselijke gewichtsfluctuaties te voorspellen. Zij kijken naar allerlei factoren. Van de aanmaak van nieuw vet tot weefselafbraak. Ook het zelfremmend effect van gewichtsfluctuatie nemen ze mee in hun modellen. Die voorspellen dat een jonge vrouw met een BMI van 23 (normaal gewicht) dagelijks 370 kcal moet overeten om 20 jaar later op een BMI van 29 (bijna obees) uit te komen.

Die 370 kcal is aanzienlijk meer dan de 20 kcal die Taubes oppert en blijkt nodig om buiten de bandbreedte te treden. Hall heeft ook kunnen onderbouwen, dat de gemiddelde Amerikaan in 2009 zo'n 500-600 kcal meer per dag at dan in 1970 zonder dat het koolhydratengehalte relatief is toegenomen. Daarmee is de obesitasepidemie gemakkelijk te verklaren en hoeven we niet uit te wijken naar een alternatieve theorie. Het voorspellende model is gebaseerd op tientallen hypo-, eu- en hypercalorisch gecontroleerde experimenten en daarna meerdere malen onafhankelijk gevalideerd. Het model van Hall voorspelt dus consistent en het interessante is natuurlijk dat ook de insulinehypothese is geëvalueerd, maar geen plaats heeft gekregen in het model. Taubes ontkent ook niet dat een hypocalorisch dieet leidt tot afslanken, maar volgens hem komt dat niet door de negatieve energiebalans. Als je minder eet, dan zul je automatisch ook koolhydraten minderen en daarmee ook de insulineniveaus in het bloed verlagen. Mogelijk zorgt de afname van koolhydraten voor het slankmakend effect, veronderstelt Taubes.

Empirisch bewijs voor onjuistheid insulinehypothese
Die hypothese van Taubes is echter onwaarschijnlijk. Al in 1971 werden jonge obese vrouwen opgenomen, waarna ze gewichtsstabiel werden gehouden of juist in een hypocalorische situatie werden gemanoeuvreerd. Het interessante is dat de insulineniveaus alle richtingen uitvlogen, terwijl het gewicht een duidelijke caloriegerichte respons vertoonde. Als insuline de dominante oorzaak is van vervetting, dan zou dat niet gebeuren. In een ander interessant onderzoek hadden deelnemers ongelimiteerd toegang tot een milkshake-achtige machine met een mengsel van 50% koolhydraten, 15% eiwit en 35% vet. De machine hield de daadwerkelijke afname nauwkeurig bij. Als insuline daadwerkelijk het vet zou gijzelen, dan zouden alle deelnemers moeten aankomen. Ze bleven echter op gewicht of slankten af. Een deelnemer raakte zelfs ruim 30 kg kwijt in 70 dagen. Belangrijk om op te merken is dat het eerste onderzoek gebaseerd is op calorierestrictie, terwijl de ander juist ad libitum (naar eigen behoefte) is. Beide onderzoeken leveren, net als talloze andere onderzoeken uit de vorige eeuw, empirische resultaten op die in strijd zijn met wat de insulinehypothese voorspelt.

In een theatrale zet, die briljant of bizar genoemd mag worden, vragen zij dr. Kevin Hall om het nieuwe onderzoek te leiden
Taubes wil niet van opgeven weten
De activist in Taubes weet van geen ophouden en wil zijn hypothese, die al flinke krassen vertoont door empirische botsingen, nog eens toetsen. Hij weet veel mensen te mobiliseren en ook de charismatische dr. Peter Attia aan zich te binden. Samen zetten zij een stichting op, NuSI (Nutritional Science Initiative) en weten naar verluidt 50 miljoen dollar binnen te slepen voor onderzoek. In een theatrale zet, die briljant of bizar genoemd mag worden, vragen zij dr. Kevin Hall om het nieuwe onderzoek te leiden.

De opzet van het onderzoek is goedgekeurd door Taubes. Het gaat om 17 deelnemers die een maand lang op 25% koolhydraten (mediumcarb) leven, gevolgd door een maand met slechts 5% (lowcarb) van diezelfde macronutriënt. Het eiwitgehalte blijft in beide fases gelijk. Als de insulinehypothese klopt, dan zou er meer vet verloren moeten gaan bij het lagere koolhydratengehalte. Het experiment is inmiddels afgerond en in een spraakmakend interview valt uit de mond van Hall op te tekenen, dat de insulinehypothese nu wel definitief gefalsificeerd is.

Protesten
Critici van Kevin Hall, waaronder Michael Eades en David Ludwig, spreken er schande van en noemen Hall bevooroordeeld. Daarnaast maken zij zaak van het gegeven dat de dagelijkse energie-uitgave in de lowcarb-fase 100 kcal hoger is, een zogenaamd metabool voordeel. Beiden verwijzen naar een onderzoek van Ludwig waar dit effect al eerder is geobserveerd. Dat onderzoek heeft echter teveel beperkingen, waaronder het niet handhaven van het eiwitgehalte tussen de twee diëten. In het huidige onderzoek duurt de verhoogde energie-uitgave slechts een week en speelt daarom geen rol van betekenis. Veel interessanter is dat de vetverbranding na die week vertraagt en dat het extra gewichtsverlies gevolg is van afbraak van vetvrije massa, niet van vet. Taubes onthoudt zich van direct commentaar en Attia heeft inmiddels, zonder aankondiging of nadere toelichting, de stichting verlaten.

Als lowcarb diëten werken, dan kan het mechanisme niet verklaard worden aan de hand van de insulinehypothese
'Taubes versus Hall'
Het NuSI onderzoek is nog niet gepubliceerd, maar dat maakt weinig verschil. De zaak 'Taubes versus Hall' draait namelijk niet om dit meest recente experiment. Het experiment is het equivalent van een experiment, waarin getoetst wordt of met een parachute uit een vliegtuig springen veiliger is dan zonder parachute. Ook dat is nooit zo specifiek gecontroleerd getest, maar een tsunami aan indirect bewijs maakt dat ook overbodig.

Decennia aan bewijsvoering en het gecombineerde werk van Hall maken verder onderzoek naar de insulinehypothese eveneens overbodig. Als lowcarb diëten werken, dan kan het mechanisme niet verklaard worden aan de hand van de insulinehypothese. Er zijn inmiddels zoveel meer en betere hypotheses om de obesitasepidemie te verklaren dat het Hall/Taubes experiment zinloos is als verificatie- of falsificatietoets voor de insuline-koolhydraathypothese. Je mag immers niet wegkijken van de veel sterkere bewijzen in het voordeel van de gedachte dat teveel calorieën ons dik maken.

Chi L. Chiu is BOvV-lid, vitaliteitscoach en vitaliteitstherapeut.
Dit artikel afdrukken