Volgens Boerderij haalden in het Kamerdebat van afgelopen woensdag alle Kamerpartijen hun stokpaardjes van stal. Linkse partijen willen krimpen en meer aandacht voor ecologie en volksgezondheid. De christelijke partijen en de VVD willen 'eerlijke prijzen' en meer eerbied en respect voor de boer om het agrarische exportmodel van de Nederlandse landbouwproductie overeind te houden.

Via de tweets met de hashtag #begrlnv is het hele debat goed te volgen.


In antwoord op vragen van de Kamer zei de minister te vinden dat boeren eerlijk betaald moeten worden voor investeringen die zij doen in milieumaatregelen en dat ze de gedachte van een deltaplan voor biodiversiteit wil steunen. Ook sprak ze uit dat ze in zes weken ministerschap meer dilemma's heeft ontdekt dan ze voor mogelijk had gehouden.

Dilemma's: nog niet gemaakte keuzen
In die laatste opmerking zit misschien de muziek. Dilemma's kun je alleen maar oplossen door uiteindelijk een pijnlijke keuze toch te maken; dilemma's zijn immers het voorstadium van nog-niet-kunnen-kiezen maar al wel snappen dat iets van tweeën onvermijdelijk één moet worden.

Mijn analyse van de landbouw is hier bekend: de productie van op eigen bodem geproduceerd Nederlands agrarische product zal in de komende 10 jaar significant afnemen. Ons land - het enige ter wereld dat grosso modo tweederde van zijn eigen productie moet exporteren om zijn boeren rendabel te kunnen laten werken - is te duur; dat geldt met name voor de veehouderij. De schaarse milieuruimte maakt die productie alleen maar duurder, terwijl besteding van die ruimte aan andere activiteiten (bijvoorbeeld industriële productie) meer rendement oplevert. Het nieuwe Europa zonder Engeland draait om de as Duitsland-Frankrijk; dat zal de Nederlandse boeren belangrijk afzetvolume in Europa laten verliezen. Nationale ketens zullen zich in onze buurlanden zelf bevoorraden met eigen agrarische grondstoffen. Een en ander betekent dat minimaal tweederde van Nederlandse productie zal moeten nadenken over de vraag op welke markten het verkocht kan worden tegen de prijs die het nodig heeft. Zeker op internationale markten bestaan geen 'eerlijke prijzen'.

Dick Veerman
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Hooguit voor dertig procent
De gevolgen van die logica zijn dit: als teveel boeren ecologisch gaan werken en daar geen Nederlandse afzet voor weten te realiseren, prijzen ze zich uit de markt. Onze minister kan geen randvoorwaardelijk beleid maken voor 'eerlijke prijzen' - lees: minimaal kostendekkende voorwaarden scheppen - voor grosso modo tweederde van het productievolume in Nederland.

Net als Milieudefensie kan een minister die eerlijke landbouwprijzen en een ecologische deltaplan wil maken en realiseren, alleen iets betekenen voor hooguit dertig procent van het boerenproductievolume in Nederland
Wie een eerlijk en ecologisch beleid bepleit, moet dan ook eerlijk zijn: net als Milieudefensie kan een minister die eerlijke landbouwprijzen en een ecologische deltaplan wil maken en realiseren, alleen iets betekenen voor hooguit dertig procent van het boerenproductievolume in Nederland. De rest is vrije markt. Daarop bestaan wel evenwichtsprijzen, maar geen eerlijke in de zin van 'dekkend voor te hoge kosten'. Deze zinnen klinken misschien als een dilemma, maar zijn dat niet. Ze laten zien dat de minister een visie moet ontwikkelen op die dertig procent. Hoe bind je die aan Nederlandse consumenten? Dat zal bovendien een hele toer zijn, want ze kan de supermarkten en consumenten moeilijk dwingen om uitsluitend nog wat duurder Nederlands product in te kopen.

Ook een visie nodig op de ongezonde markt die ontstaat
En die andere zeventig procent? Daar zal een handjevol heel grote bedrijven uit ontstaan, die niettemin fors minder volume produceren in flink grotere bedrijven. Die overblijvers redden zichzelf wel en hebben geen speciale aandacht nodig. Waar de minister wel weer een visie op moet hebben zijn de tienduizenden boerenbedrijven die de beoogde markt van het handjevol grote bedrijven en de groep van 30% zullen verzieken door aanbod dat ze met grote regelmaat onder de kostprijs zullen blijven aanbieden. Zo kan geen gezonde markt ontstaan voor de 30% waar ze zich voor zou moeten inzetten.
Dit artikel afdrukken