Het biologisch landbouwareaal nam van 2016 tot 2017 toe met 8% tot 56.400 hectare. Op 14.000 van die hectaren (bijna 25%) vond biologische akker- en tuinbouw plaats, de biologische melkveehouderij legde beslag op 40.100 hectare voor grasland en veevoer. Alles bij elkaar werd in 2017 op 3,2% van het Nederlandse landbouwareaal biologische landbouw bedreven. Daarmee hoort Nederland bij de achterblijvers in vergelijking met de rest van Europa: gemiddeld beslaat het biologische areaal in de EU 6,7% van het totale landbouwareaal.

3,3 miljoen biologische kippen
Uitschieters in de groei waren het aantal biologische varkens; het totale aantal biologische varkens nam met 33% toe, de productie van varkensvlees met 26%. Ook het aantal biologische geiten en melkkoeien nam toe, met als resultaat dat van de totale Nederlandse veestapel vorig jaar 2,9% biologisch was; een groei van 8,9% ten opzichte van 2016.

Om die cijfers in perspectief te plaatsen: we hebben het dan over in totaal 3,5 miljoen biologische dieren, waarvan 3,3 miljoen biologische kippen. Dat aantal is een heel klein percentage van het totale aantal dieren waarvan Nederland jaarlijks eet. In Nederland worden jaarlijks bijvoorbeeld zo'n 18 miljoen viervoeters (voornamelijk varkens, kalveren, koeien, geiten) geslacht en jaarlijks circa 600 miljoen slachtkuikens geproduceerd.

De Nederlandse biologische landbouw levert vooral melk en eieren op: 223 miljoen kilo melk en 883 miljoen eieren. Dat klinkt indrukwekkend, maar die 223 miljoen kilo melk vertegenwoordigt maar 1,6% van de totale Nederlandse melkproductie. Ook al die tientallen miljoenen biologische eieren verbleken naast de kleine 11 miljard eieren die Nederland jaarlijks produceert. Aardappels dan? De 60 miljoen kilo biologische aardappels maken 1,5% uit van alle aardappels die we vorig jaar met elkaar consumeerden.

Biologische Lanbouwproductie

Hasna Chelhi
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Omdat buitenlandse importen van biologisch product vaak goedkoper zijn dan Nederlandse productie, aarzelen boeren bij de overschakeling op biologische landbouw. Bovendien kunnen ze hun spullen tijdens de overschakelingsperiode van enkele jaren alleen tegen gangbare prijzen verkopen en dus niet profiteren van de biologische meerwaarde. Hoewel bijvoorbeeld Albert Heijn voor Nederlandse tot op heden biologische melk kiest, geldt in het algemeen steeds meer wat Foodlog in 2014 al eens schreef: hoe gewoner biologisch wordt, hoe meer we het zullen importeren uit regio's die het tegen de laagste kosten kunnen produceren.
Dit artikel afdrukken