Het rommelt inmiddels al jaren in de koeienhouderij rond de melk- en mestproductie.

Die twee zijn elkaars spiegelbeeld. Zonder voer krijg je geen melk en melk zorgt voor mest. Mest is een waardevol restproduct van melk omdat er planten en bodemvruchtbaarheid mee gevoed kunnen worden. Behalve als er teveel van is.

Gods akker
Een melkveehouderijwet moest de melk- en mestproductie na de afschaffing van de melkquota binnen de beperkingen houden die Nederland ecologisch kent. Dat lukte niet: onze boeren produceren meer mest dan ze volgens milieuwetten en andere afspraken op Hollandse akkers kwijt kunnen. Ook een zogeheten Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) faalde. Zelfs een zogenoemd early warning system dat het Ministerie van Economische Zaken instelde, kon niet voorkomen dat Nederland er veel te laat achter kwam dat melkveehouders de pannen van hun stallen molken en dus de mest over Gods akker hadden laten lopen - zonder dat God dat in zijn wildste dromen ooit zo zou hebben gewild.

Geen handhaving
Nederland bleek, zo ontdekte Brussel, geen systemen te hebben om zijn milieu-afspraken te handhaven. In het FD gaf Harry Paul, de scheidende baas van de Nederlandse Voedsel-en Warenautoriteit, Brussel daar dit weekend gelijk in. Hij aarzelde niet dat fijntjes maar duidelijk tegen zijn bazen in Den Haag te zeggen.

Brussel greep dan ook in omdat Nederland er, na vele pogingen tot regelgeving, een rommeltje van had gemaakt. Er mag niet meer fosfaat - een belangrijke stof in het voer die via de mest een restproduct is van melk - worden gemaakt dan is afgesproken. Na maanden van paniek is er een plan dat zo'n 170.000 melkkoeien vervroegd de kop afhakt en moet zorgen voor voer met minder fosfaat. Volgens de belangrijkste boeren en Nederlandse Zuivelorganisatie NZO keert daarmee de rust eindelijk weder. Of dat zo is, is echter onzeker.

Dick Veerman
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Staatssecretaris Van Dam maakte subtiel duidelijk dat Brussel zijn plan slechts onder voorwaarden heeft geaccepteerd. Hij kraait niet de victorie die de boeren, banken en zuivelaars laten horen. Hij weet dat Brussel gaat rustig kijken of Nederland iets van het plan maakt. Van acceptatie is nog geen sprake.

Rijke consumenten willen echte melk. Nederland koos vrijdag tegen zulke mensen. Dat is een beetje dom, want we maken de duurste melk ter wereld en gelden als het land van oude molens en de beste melk ter wereld
Niet voorop
Staatssecretaris Van Dam heeft, op aangeven van boeren, gekozen voor een zo efficiënt mogelijke koe die met zo weinig mogelijk fosfaat zoveel mogelijk melk maakt. In het AD gaf boerenkoepel LTO vorige week toe dat zo'n aanpak mogelijk niet zo jofel is voor dierenwelzijn.* In 2015 mocht ik een internationale bijeenkomst van dierenartsen over antibiotica modereren. Beesten die we genetisch optimaliseren om heel efficiënt één kunstje met hun lijf voor ons te doen, zijn een potentieel gevaar voor het milieu, hoorde ik daar. Hun darmgezondheid is niet optimaal en noopt tot het gebruik van middelen die we niet moeten willen gebruiken. Via hun poep zorgen ze voor een te hoog risico op anti-microbiële resistentie in het milieu. Terug daarom, zeiden de dierenartsen, naar oorspronkelijker dieren, oorspronkelijker voer en - omdat we toch wel erg veel beesten bij elkaar houden - mogelijk wat farmaceutica die hun immuunrespons extra aanzetten. Ik geef slechts door wat deskundigen zeggen, die belang bij de veehouderij hebben.

Weidemelk voorbij
Met dergelijke en andere aspecten naast fosfaat, hebben de boeren, bank, toeleveranciers en Van Dam nauwelijks tot geen rekening gehouden. Toch beweert Nederland - en de huidige staatssecretaris voorop - dat we ver vóór moeten lopen. We blijken eerder flink achter te lopen omdat de melk ons piepkleine landje al over de schoenen liep en we niet weten hoe we daar een verstandig business model van moeten maken.

Weidemelk moet het verschil maken, zegt de Nederlandse Zuivel Organisatie al jaren. De verder opgefokte koe waar Nederland sinds vrijdag voor heeft gekozen, maakt dat een verder punt van aandacht.** Weet u hoeveel en hoeveel veel echtere weidemelk uit minstens zoveel echte koeien Ierland, Frankrijk en Duitsland met hun pas echt uitgestrekte weiden kunnen maken?

Rijke consumenten willen echte maar geen 'plofmelk' - dat woord gaat u binnenkort vast horen. Nederland koos vrijdag tegen zulke mensen. Dat is een beetje dom, want we maken de duurste melk ter wereld en gelden zelfs als het land van oude molens en de beste melk ter wereld. Dat imago, waar geld mee valt te verdienen, is sinds vrijdag dood verklaard. Nederland kiest voor intensivering van de koehouderij en streeft naar een maximale melkgift bij zo weinig mogelijk fosfaat. Daarmee kiest het voor een stap lager dan het premium-segment waarvoor de Nederlandse zuivelaars tot op heden produceerden.

Het nare is dat die fundamentele keuze is gemaakt, terwijl nog steeds onduidelijk is of Brussel Van Dams fosfaatplan een goede set maatregelen vindt. Nederland doet het allemaal om zijn derogatie - het recht om meer mest op het land te mogen brengen dan Europese normen toestaan - te behouden, maar lijkt het zicht op het geheel aan factoren die voor een gezonde koehouderij van belang zijn uit het oog verloren.

* In de wandelgangen valt nu al te horen dat de handel inzet op fosfaatsupplementen. Die houden de koeien op de been, maar zijn niet te meten via het voer waar de wetgever op denkt te kunnen letten. Een 'early warning system' lijkt gepast.
** Toegevoegd, 6/2/17, 9.00 uur:

Dit artikel afdrukken