Het Voedingscentrum onderscheidt twee typen gezonde schoolkantines; een ‘zilveren’ en een ‘gouden’ kantine, legt Patricia Schutte, woordvoerder van het Voedingscentrum, uit. Bij een zilveren schoolkantine bestaat minimaal 60% van het aanbod uit betere keuzes. Bij een gouden is dit minimaal 80%. Ongezonde producten zijn niet verboden, maar de verhouding tussen gezonde en ongezonde keuzes moet in het voordeel van de eerste uitvallen en het moet makkelijk zijn de gezonde keuze te maken.

Kantinejuffrouw houdt vast aan broodje bal
Of het al gelukt is alle scholen tot een gezonde kantine over te laten gaan? Nee. Wanneer dit wel het geval zal zijn, is nog de vraag. “Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het aanpassen van het aanbod, daarom is het lastig hier een termijn aan te hangen,” aldus Schutte, “Momenteel is meer dan de helft van de scholen ermee bezig. Dit jaar zijn er 95 scholen die officieel een zilveren en 279 scholen die een gouden schoolkantine hebben.” In Nederland zijn in er totaal 690 voortgezet onderwijs en MBO instellingen waar het programma voor is bedoeld.

Schoolkantine Brigade
Een van de succesvolle tools die het Voedingscentrum inzet is de Schoolkantine Brigade. Het begin dit jaar uitgebreide team van brigadiers geeft persoonlijke begeleiding aan de scholen en motiveert ze met een stap-voor-stap aanpak. Het creëren van een schoolbreed draagvlak blijkt vaak de lastigste opgave. Kantinemedewerker, cateraar, docent, directie, leerling en ouder moeten op één lijn komen.

Opvallend genoeg, vertelt een Gezonde School adviseur, is het vaak een stuk moeilijker de schooleigen kantinejuffrouw mee te krijgen dan een extern cateringbedrijf. “Zij kan het broodje bal niet missen en ‘waarom een gezond bruin broodje als je ook een kant-en-klare tosti kan maken’? Maar aan de andere kant, hoe blij moet je zijn met automaten die gevuld zijn met Marsrepen door een cateringbedrijf dat alleen op winst uit is?”

Nederland liberaler dan België
In Vlaanderen treden overheid en schoolbesturen sturender op. Suikerhoudende frisdranken en tussendoortjes met veel vet en suiker moeten na 2021 uit het aanbod zijn verdwenen. Uit het recent verschenen tussentijds rapport van het Vlaams Instituut Gezond Leven bleek dat 55% van de middelbare scholen geen vet- en suikerrijke tussendoortjes meer aanbiedt, zoals chocolade en snoep. Op basisscholen is dit zelfs 90%. Suikerhoudende frisdrank is uit 70% van de middelbare scholen verdwenen.

Iris de Koning
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Nederland maakt zich afhankelijk van de frisdrankindustrie
Ook in Nederland gaan de suikerhoudende frisdranken mogelijk helemaal in de ban. Niet vanuit de overheid of beleid van scholen, maar door een besluit van de frisdrankindustrie. De Nederlandse Vereniging Frisdranken (NVF) kondigde vorig jaar aan uiterlijk eind 2018 te stoppen met de verkoop van suikerhoudende frisdranken op middelbare scholen.

De directe omgeving van scholen waar nog wel ongezonde verleidingen op loopafstand te vinden zijn in onder meer supermarkten en snackbars op wielen, blijft nog wel een punt van aandacht. Schutte wijst op de mogelijkheden die de in 2021 op stapel staande Omgevingswet biedt om ook daar paal en perk aan te stellen. Ook gemeentelijk beleidsverantwoordelijkheid biedt ruimte om inwoners te verzekeren van een gezondere publieke omgeving. Hoe dat zou kunnen, legde begin dit jaar een groep wetenschappers en wethouders in Het Parool uit.
Dit artikel afdrukken