De Europese leiders lijken van plan de pauzeknop in te drukken voor nieuwe klimaat- of milieumaatregelen. Dat valt af te leiden uit de concepttekst voor de strategische agenda van de EU, waarin de nadruk ligt op de concurrentiekracht van bedrijven in een steeds vijandiger wereld.
De Europese leiders komen binnenkort bijeen in Granada om de strategische agenda voor de komende vijf jaar te bespreken. Deze agenda zal fungeren als leidraad voor de Europese Commissie na de verkiezingen van 2024. Charles Michel, de voorzitter van de Raad, bereidde de ontwerptekst voor die strategische agenda voor, na overleg met de lidstaten. Opvallend: klimaat is geen topprioriteit meer voor de Europese leiders.

De vijf prioriteiten die de nadruk krijgen zijn defensie, concurrentievermogen, betrokkenheid bij andere regio's om de internationale orde te versterken, migratie en uitbreiding van de EU. Van de kernprioriteit 'een klimaatneutraal, groen, rechtvaardig en sociaal Europa’ van 5 jaar geleden, blijven nog maar een paar zinnen over, in de paragraaf over 'veerkracht en concurrentie­vermogen’, aldus De Standaard.

'Pauzeknop'
De krant verklaart dit doordat de grote klimaatdoelstellingen, zoals klimaatneutraliteit tegen 2050, al wettelijk zijn vastgelegd, terwijl er voor defensie, migratie en industrieel beleid nog veel werk te verzetten is. Daar komt bij dat het animo voor nieuwe klimaat- en milieumaatregelen is afgenomen. Zo pleitten bijvoorbeeld de Franse president Emmanuel Macron en de Belgische premier Alexander De Croo in mei jl. voor het indrukken van 'de pauzeknop'.

Temidden van de tumultueuze besluitvorming rondom de Natuurherstelwet - die Eurocommissaris Frans Timmermans ternauwernood door het Europese Parlement kreeg - benadrukten zij dat bedrijven nu eerst maar eens de tijd moesten krijgen om de regels uit te voeren in plaats van voortdurend nieuwe regels voorgeschreven te krijgen, die ook nog eens prijsopdrijvend werken en tot onrust leiden. Macron had zijn handen eerder al vol aan de 'gele hesjes'. Ook De Croo waarschuwde "de kar van onze industrie niet te overladen" met groene maatregelen, net als de leiders van onder meer Oostenrijk, Kroatië, Zweden en Ierland, die de "nieuwe economische en sociale realiteit" door de oorlog in Oekraïne aanvoerden als reden om te pauzeren.

'Onrustwekkend'
In een reactie noemt Greenpeace de ontwerptekst 'onrustwekkend'. "We staan voor vijf à zes cruciale jaren om onze uitstoot drastisch te verminderen en de natuur te beschermen en te herstellen. Wat lauwe groene buzz-woorden ten spijt, zet dit document Europa op een destructief pad. Als dit de toekomstvisie van de EU wordt, is Europa zijn internationaal leiderschap in de strijd tegen de klimaatopwarming definitief kwijt," klinkt het in De Standaard. De NGO roept op tot meer inzet van Europa in de strijd tegen klimaatverandering en onderstreept het belang van drastische emissiereductie en natuurbehoud.

€22 miljard en nog gaat het 'tergend traag'
Voor klimaat gaat het er nu om de afgesproken wet- en regelgeving uit te voeren om in 2030 tot fikse emissiereducties te komen. Dat is al moeilijk genoeg, ontdekte het FD. In Nederland is het ministerie van Economische Zaken in gesprek met de 20 grootste industriële vervuilers om op maat gemaakte duurzaamheidsafspraken te maken. Die afspraken moeten de basis vormen voor vergroening van de industrie en chemie, door de CO2-uitstoot versneld terug te dringen. Er is €22 miljard beschikbaar om "Nederland in de kopgroep van de wereldwijde verduurzaming te plaatsen," aldus het FD.

Alleen gaat dat in een tergend langzaam tempo. Op dit moment zijn er intentieverklaringen ('expressions of principle') getekend met Shell, Nobian (het vroegere Akzo), Tata, Dow Chemical, OCI, Zeeland Refinery (voorheen Total Vlissingen), kunstmestbedrijf Yara en chemiebedrijf Angore. Samen zijn die bedrijven goed voor 10 megaton CO2-vermindering richting 2030, van de beoogde 16 megaton reductie. Maar met een intentieverklaring zijn we er niet: er moeten ook nog een 'joint letter of intent' en een definitieve maatwerkdeal beklonken worden. Volgens de planning van Economisch Zaken zouden de bindende afspraken eind 2025 klaar moeten zijn. Maar dat het kabinet demissionair is, helpt daar natuurlijk niet bij.