Australian Homemade: de uitspraak van de Reclame Code Commissie
Op 7 augustus deed de Reclame Code Commissie uitspraak in de Australian Homemade-zaak tegen AH. Het oordeel viel gisteren in de brievenbus.
Ik laat het oordeel over het oordeel van de Reclame Code Commissie - iedereen weet dat Australian Homemade niet uit Australië komt omdat Australian Homemade een begrip is - graag aan de lezers over: wat vinden jullie?

Daarmee wijst de RCC de klacht dus af.
Reacties (87)
Deze bonbons bestaan toch niet zo lang, en dan al een begrip. Knap.
Voor wat het waard is, ik kende ze alleen van de winkels waar ik wel eens een smakelijke milkshake bestelde. Geen kleine lettertjes daar waar je kunt lezen dat de producten uit Zaandam komen. Ik vond het al zo raar, Australische bonbons. Maar ja, je hebt ook Amerikaanse koffie waar sommigen enthousiast over zijn. Moet allemaal kunnen.
Het verbaasde me dan ook wel een beetje toen ik er achter kwam dat Australian Nederlandsch is.
Niet terecht vind ik dus, deze beslissing.
Terechte beslissing: het is een (verderfelijk misschien) spel, consumenten zijn gewend om onzin in reclames te zien. In print (Allerhande e.d.) zeker, op etiketten wordt het wat moeilijker. Bij AH als producent dus.
Sorry, maar nogmaal, waar ligt de grens met neppen, en hoe kijken we er tegenaan?
Dick wil waarheid, ziet tekst en graphics op verpakkingen als productclaims of in ieder geval informatie over het product en ontmaskert ‘neppen’.
WvdL ziet verpakking, aankleding, sfeer in een winkel of restaurant als een geheel apart (verkoop / ‘service’) spel, bijna los het product, en waar alles mag als het niet gereguleerd is (als verplichte informatie), en meent dat de consument dat best weet en met korrels zout neemt, of dat anders moet leren.
Duidelijk totaal andere zeer geeigende perspectieven, maar Dick, waar knap je nu op af (of was klagen ook een spel voor jou)?
‘Australian’ hoeft (dus) niet uit Australie te komen.
‘Homemade’ hoeft (dus) niet te zeggen dat het een in huis gemaakt product is.
Is George Orwell lid van de RCC ?
Het Mundus vult decipi tot norm verheven,geweldig hoor. Plaatsvervangende schaamte is weer mijn deel.
Geweldig, die argumentatie van de RCC. Weer een commissie waar intelligentie in elk geval niet te vinden is. Dat je ‘homemade’ met een korrel zout moet nemen, dat is voor iedereen wel duidelijk: daarvoor zijn de aantallen te groot. Maar dat ‘Australian’ niet betekent dat het Australisch is....... Enfin, dan zal de Reclame Code Commissie ook wel een Commissie zijn die niets met Reclame Code te maken heeft. Net zoals dat het Voedingscentrum niets te maken heeft met .....precies, voeding. Ik snap volkomen dat Vlamingen niets begrijpen van het ‘Ollandse Nederlands…
Je kunt in beroep gaan!
DE RCC gebruikt vaker in uitspraken die ‘gemiddelde consument’ of een vergelijkbare term en schrijft daar kennis aan toe. Dat wordt niet gedaan op grond van enig onderzoek, maar is ontsprotenm aan het gevoel van de commissieleden. De vuistregel: liegen mag, zolang die gemiddelde consument in die commissiehoofden dat wel door zal hebben.
Maar:
- zelfs als de gemiddelde consument het wel weet, kan er een relevant grote groep zijn die het NIET weet
- onderzoeken onder het volk tonen regelmatig aan dat het kennisniveau in grote groepen verbazingwekkend laag is op vragen als ‘Wie is de minister-president van Nederland’?
- de strategie bij reclame is deels als bij lotto-spam of virusmailtjes. Het gros klikt of kijkt weg, maar er zijn er altijd een paar tussen de miljoenen die er wel in geloven. Het doel is dus misleiding, ook al heeft dat gros het door
- het argument dat Australian al jaren in Nederland is gevestigd, is ongeldig. De gemiddelde mens denkt bv dat Bugatti van oorsprong Italiaans is, terwijl het Duits is.
In de RCC komen reclamemakende partijen en consumenten bij elkaar. Wat is er mis mee om een aantal groepen leugens niet meer toe te staan in reclame-uitingen? Reclame is een spel zoals Hans Schepers bevestigt, waarbij door overdrijving leugens ontstaan die we niet zouden willen verbieden: “De lekkerste aardbeien vindt u bij Albert Heijn.” Maar teksten als “volgens authentiek Frans recept”, zoals op AH-stokbrood, zijn geen leugens door overdrijvingen, maar misleiding. Hetzelfde geldt voor herkomstbepalingen. Als de merknaam al misleidend is, moet je er niet nog een schepje bovenop doen. In zo’n geval maakt overdrijving de misleiding sterker.
Mijn regelvoorstel:
-herkomst van een product of verwijzingen naar de bereidingswijze/receptuur moeten ondubbelzinnig worden vermeld, anders is er sprake van misleiding
-uitgezonderd zijn een aantal staande uitdrukkingen zoals Frans Stokbrood, Italiaanse wokschotel, hollandaisesaus…
- een benaming die maar door 1 producent wordt gehanteerd is geen staande uitdrukking
Werther’s Original mag dus, zolang het uit Werther komt. Anders moet de productieplaats vermeld worden. Australian mag dan dus ook onder voorwaarden. Dus iedereen blij.
Hop, in beroep, Dick !
1. Weet de ‘gemiddelde consument’ werkelijk dat die dingen niet uit Australie komen ? Kan de RCC dit staven met onderzoek ?
(mijn gok: dit gaan ze dik verliezen)
2. Rare redenering: ‘Dat, met de aanduiding Australian Homemade’ in de tekst gezinspeeld wordt op een Australische oorsprong, leidt niet tot een ander oordeel.’ Ik snap hier niets van. Ze erkennen wel degelijk een onjuste zinspeling ? En wat doen die komma’s op die plekken in de zin ?
@Marcel,
De RCC stelt dat die zinspeling (als je dat zo mag noemen) bij de gemiddelde consument niet leidt tot de overtuiging dat de bonbons Australisch zijn. Een tekst is dus volgens de RCC niet van zichzelf misleidend, maar is dat alleen als mensen er daadwerkelijk door worden misleid.
Dit staat haaks op wat velen hier beweren, namelijk dat je teksten over een product op zichzelf als misleidend of neppend kunt beoordelen. Een ‘ambachtelijk koekje’ verondersteelt handwerk en de tekst is misleidend als dat niet zo is.
Onze EU-superstaat volgt ook dit laatste principe bij de regelgeving over gezondheidsclaims. De claims moeten bewezen worden ook als de consument er niet intrapt.
Een ambachtelijk koekje kan toch ook een ambachtelijk ingredient hebben, zelfs als het in een grote fabriek in elkaar gestampt is?
@Hans,
Over woorden en hun betekenissen kan getwist worden. “Verse haring” Mag dat, terwijl haring wettelijk verplicht altijd ingevroren is geweest en dus niet vers is?
De RCC zou kunnen zeggen dat koekjes met een flink deel “ambachtelijk ingredient” ook ambachtelijk genoemd mogen worden, mits vermeld in de uiting ("bereid met handmatig gekarnde boter"). Dat is heel iets anders dan naar fictieve gemiddelde consumenten verwijzen. Zo gaat het erom het belang van de consument op goede informatie inschatten en afwegen tegen het belang van de producent om waren mooi aan te prijzen. En daar hebben we die RCC voor, toch?!
Artikel 7 van de Ned. Reclame Code: Reclame mag niet misleiden, met name niet omtrent de prijs, de inhoud,
de herkomst, de samenstelling, de eigenschappen of de doelmatigheid van
de aangeboden producten. Reclame dient zo duidelijk en volledig mogelijk te
zijn, mede gelet op haar aard en vorm en het publiek waarvoor zij is bestemd.
Duidelijk behoort ook te zijn door wie de producten worden aangeboden.
“Ondersteboven van onze Australische bonbons” is en blijft een overduidelijke verwijzing naar een herkomst, die niet correct blijkt.
Maar ja, als toetsing wordt gedaan door ..... die niet kunnen lezen, laat staan begrijpend kunnen lezen, dat heeft zo’n hele code geen nut. Als je in beroep gaat, komt zo’n bezwaar dan te liggen bij mensen die wél over enig intellect beschikken? Zo ja, dan heeft het zin.
“Maar Dick, waar knap je nu op af (of was klagen ook een spel voor jou)?” , vraagt Hans Schepers.
Ik wilde weten waar de RCC staat. Die geeft een oordeel obv eigen inschattingen, die niets meer zijn dan eigen inschattingen van een denkbeeldige consument.
Ik wilde ook weten of de RCC correct redeneert. Volgens deze uitspraak zijn Belgische bonbons die niet uit Belgie komen misleiding. Als ze dat niet komen en je protesteert daartegen, dan zal de uitspraak luiden dat ‘ Belgische bonbons’ gewoon een begrip zijn en geen herkomstaanduiding. Dan is die uitspraak dus weer niet waar.
Met andere woorden: ik weet nu dat reclametaal volstrekt vogelvrij is en daarmee ook zo inflatoir als maar kan. Als iemand zegt dat hij lekkere chocolaatjes heeft, zeg jij gewoon dat jij de lekkerste hebt. Dat hoeft echt niet waar te zijn, want het zijn gewoon ‘ begrippen’. Als we dat nou maar gewoon toestaan, helpt die steeds de ander met woorden maar niet met inhoud overbiedende taal zichzelf vanzelf om zeep.
Daarmee houdt overigens ook de rol voor de RCC op. Het maakt immers allemaal niet meer uit. Liegen is de norm, want anders kun je niet meer concurreren.
Ik ben de RCC zeer erkentelijk voor deze duidelijkheid.
In beroep zal ik niet gaan, want het ging me om de houding die uit de behandeling en uitspraak spreekt.
Het lijkt me wel zinvol aannemelijk aan te tonen dat de gemiddelde consument in dit oordeel een hersenspinsel is. Dan moet het publiek zelf maar oordelen. Dat kan het volgens de RCC immers hartstikke goed.
Het wordt tijd voor een reality check! Wie heeft er tijd en materiaal om de gewone consument een bonbon te laten proeven uit dit assortiment, met de vraag -terwijl ze doos zien- waar komen deze bonbons vandaan? Dit allemaal vastleggen met een camera. Deze opname zal helderheid brengen en kan als gefundeerd argument naar de RCC gebruikt worden.
Ik zou heel nieuwsgierig zijn naar die uitslag!
@Dick: Intrigerende houding. Volgens mij sta je sterk in een hoger beroep. Om meerdere redenen zoals hierboven al is aangegeven.
Maar… je gaat niet verder. Terwijl je het niet eens bent met de verklaring. Waarom ben je dan aan het avontuur begonnen?
Je hoeft natuurlijk geen verantwoording af te leggen maar het intrigeert me wel. Spelen kosten een rol?
Joy, het zijn niet de kosten. Het is het principe. Deze case is voor een groot deel van het publiek tamelijk duidelijk. Het oordeel van de RCC ook. De actie kon uitdraaien op een erkenning van de klacht danwel een afwijzing.
Het nut van de excertitie was het aantonen van de houding van RCC. Me gelijk geven zou even moedig als gevaarlijk zijn. Dat doen ze dan ook niet. Nu tonen ze dus het gat aan tussen common sense en hun arbiter’s oordeel dat zegt: jokken mag, want er is niks mis mee.
Hans, spreek jij nu als iemand van de universiteit of als privé-persoon? Ik vind dat belangrijk om weten. Wageningen werkt samen met de voedingsmiddelenindistrie. Bijvoorbeeld Unilever.
Hoe zit dat onderzoek waarbij ze de smaak en het product zo willen manipuleren dat je het wel lekker vindt maar er niet dik van wordt. Een goed mondgevoel, wordt dat dan genoemd. Dit gaat o.m. i.s.m. met Unilever. Onafhankelijk is de WUR als instituut dus niet.
Maar beste Hans, ik geef je ergens wel gelijk, hoor. Niet dat het jou wat uitmaakt. Maar, wie gaat in hemelsnaam bepalen wat een streekproduct is? In Hasselt pakt de stad uit als jeneverstad, maar hier wordt al lang geen jenever meer gestookt ! Dus, Hasseltse jenever bestaat niet meer. Maar toch kopen veel veel veel toeristen zo’n fles ‘echte Hasseltse jenever’, bij bezoek aan Hasselt.
Laakbaar! Vervang streekproducten toch gewoon door korte keten.
Met andere woorden: ik weet nu dat reclametaal volstrekt vogelvrij is en daarmee ook zo inflatoir als maar kan. Liegen is de norm, want anders kun je niet meer concurreren.
Dat is toch zwaar overdreven. Kijk op de site van de RCC en je ziet dat er best het e.e.a. wordt toegekend aan klachten en er is allerlei wetgeving die reclame beperkt. En dan, zelfs als alles zou mogen, zou het niet allemaal bedrog kunnen zijn,omdat je nooit het vertrouwen van een klant wint als je alleen maar liegt.
Het enige wat je kunt concluderen is dat de RCC geen werk maakt van misleidende herkomstbenamingen, dit in tegenstelling tot wat artikel 7 van de reclamecode zegt. Een reactie zou kunnen zijn om een minister of kamerlid daarover aan te schrijven, danwel AH zelf.
Wouter, een steekhoudende redenering en een goed voorstel, om hiermee naar de kamer te stappen. In de VS en de UK gebruikt men dat zeer effectief als campagnestrategie en in Hasselt nemenwe dat over via FairTradeGemeente. En dat schept alvast veel duidelijkheid.
Dus, spreek je volksvertegenwoordiger aan, zou ik zo zeggen.
Overigens, ja, die controles werken - tot op zekere hoogte. VRT krijgt boete voor Coca-Cola in koffiekamer van Witse. Hier gaat het dus ook om een vorm van laakbare reclame-praktijken, al is het een heel ander verhaal.
Je kan natuurlijk ijveren om ze proberen aan te scherpen. Ik blijf achter Dick’s idee staan.
O zeker Wouter. Maar kun jij me uitleggen waarom jokken in deze case omtrent een herkomstbenaming wezenlijk anders is dan jokken over bijv. gezondheidsaspecten?
Jokken is toch jokken? De RCC zegt nota bene dat AH wel degelijk suggereert dat deze pralines uit Australie komen.
Steven, ik vind de redenering van Wouter dus niet steekhoudend als het er op aankomt wat je uit de uitspraak over de houding van de RCC jegens jokken kunt concluderen.
Die getuigt naar mijn hoogst persoonlijke gevoel nl. van paternalistische tolerantie. Zo’n vader wil ik helemaal niet als codewaakhond, die geacht wordt de code toe te passen ipv naar willekeur en persoonlijk inzicht andere criteria van belangrijkheid mee te nemen.
Je zou de vraag idd aan de minister of Kamer kunnen stellen. Of hem gewoon aan het publiek voorleggen. Waarvan acte.
Het gaat me niet om AH, het gaat me om de houding die we in Nederland kennelijk hanteren tav reclamisch jokken.
Nogmaals: ik denk dat die houding hiermee is duidelijk geworden. De RCC erkent de misleiding, maar verbindt er geen consequenties aan omdat het die niet belangrijk vindt. Waarom het die niet belangrijk vindt zou een vraag voor een beroep kunnen zijn. De RCC vindt het niet nodig nader te onderbouwen waarom de gesuggereerde Australische herkomst ‘niet tot een ander oordeel leidt’.
Zo onbelangrijk zijn dit soort leugens, begrijp ik dus.
Zinspelen is iets anders dan jokken, zegt de RCC. Ik denk dat de achtergrond is dat het denken dat chocolade uit Australie komt niet zo erg is als denken dat iets ongezonds gezond is. In feite zeggen ze: ‘Jongen, waar maak jij je druk over? De gemiddelde consument is het worst.’ Maar dat kunnen ze natuurlijk niet letterlijk zeggen.
Ze hebben daar natuurlijk een punt en je zegt het zelf Dick, het gaat niet om deze case en om AH maar om een algemeen verschijnsel, vergelijkbaar met het langzame waardeverlies van de merknaam Spa. De term ‘taalerosie’ is goed gekozen. Maar misschien is er een betere case te vinden.
Om in punten te blijven: ik vind dat ze the point van dit punt missen. Die A’damse chocola mag AH van mij desnoods in z’n haar smeren. Het punt niet.
Dick, jokken - zeg maar gewoon bedriegen.
Wouters redenering houdt wel degelijk steek: “De RCC erkent de misleiding, maar verbindt er geen consequenties aan omdat het die niet belangrijk vindt. Waarom het die niet belangrijk vindt zou een vraag voor een beroep kunnen zijn.”
Je kent de starbucks-against-the-people-of-ethiopia-case
Begin 2005 legde de Ethiopische overheid een aanvraag voor aan het Patentbureau in de Verenigde Staten. Ethiopië wilde de namen Yirgacheffe, Harrar en Sidamo, drie van de bekendste koffies, registreren.
Door een naam te registreren, kan hij niet zomaar gepubliceerd worden op verpakkingen. Je moet er toestemming voor hebben, een licentie voor aanvragen.
Het Amerikaanse Patentbureau erkende Yirgacheffe, maar blokkeerde - op aanraden van Starbucks - de registratie van Harrar en Sidamo. In de EU, Japan en Canada zijn de drie Ethiopische koffienamen intussen wel geregistreerd.
Zie je de gelijkenissen? Een Amerikaanse multi claimt een Ethiopische naam. Het Noorden beduvelt het Zuiden zo IEDERE DAG…
Gevorderd leeswerk hierover (Engels):
Douglas Holt, professor marketing aan de Oxford Said Business School: “Starbucks speelt Russische roulette met de reputatie van zijn merk”. Lees het volledige opiniestuk van de professor op
http://www.sbs.ox.ac.uk/starbucks
Dit laatste als reactie op Wouter’s “omdat je nooit het vertrouwen van een klant wint als je alleen maar liegt”
Is het eigenlijk zo verwonderlijk, dat ‘een beetje jokken’ mag van de RCC?
Als we kijken naar de samenstelling: één aangewezen door de adverteerders, één door de communicatieadviesbureau’s, één door de media, één door de consumentenorganisaties, en een ‘onafhankelijk’ voorzitter, dan zijn (minstens) drie van de vijf gewend met het het fenomeen ‘bijbuigen’ van de waarheid.
Dat er op medisch gebied wél zaken gewonnen worden ligt waarschijnlijk aan het feit, dat er een lijst bestaat van uitspraken die men in reclame-uitingen niet mag hanteren: kwestie van de tekst, waarover geklaagd is, langs deze lijst halen. Dat werk kan je ook aan basisschool-leerlingen overlaten.
Eric, mensen al jij leiden ons terug naar de essentie van het verhaal. Wellicht moet eerst daar werk van gemaakt.
De essentie is niet OF maar HOEVER je de waarheid mag buigen om een goede afstemming tussen de belangen van consumenten en producenten te hebben. Het antwoord op die vraag draait niet om het feit of mensen daadwerkelijk misleid worden, maar om de vraag hoe betekenis tot stand komt en hoe taal zo kan erodderen dat echt oprechte producenten geen woorden of andere middelen meer over hebben.
Een tekst schrijven voor een ambachtelijke Belgische chocolatier is een uitdaging omdat de woorden ‘ambachtelijk’ en ‘Belgisch’ bijna niets meer betekenen. het kan namelijk ook staan voor fabrieksmatig en uit Holland.
Waar blijven de vrijdagcartoons en -moppen?
Wouter, vat dit samen in 10 regels en je gaat de geschiedenis in. Neen echt, je vat dat zeer gevat samen. Ik dacht eerst “heeft van der land een dik boek van Plato op zijn kop gekregen in de boekerij”, maar je geeft daar iets heel belangrijks aan:
“hoe taal zo kan erodderen dat echt oprechte producenten geen woorden of andere middelen meer over hebben.”
Het is een aloud probleem, schat ik zo in. Niet voor niets bestaat de uitdrukking ‘goede wijn behoeft geen krans’.
Dat zegt Steven niet onaardig. De zin rond het eroderen klopt als een bus. Daarom begrijp ik niet dat Van der Land zegt dat de vraag niet is OF maar TOT HOEVER je mag gaan met jokken.
Het lijkt me simpel: dat mag je niet. Suggereer wat het is en laat het zijn wat je suggereert. Dan hoef je die vraag niet te stellen en is er ook geen probleem.
Als je die vraag wel wilt stellen is het ook simpel: dan mag je gewoon over alles jokken en moet je er ook niet over jammeren.
Dat vindt de RCC ook. Terecht, vindt zelfs Hans Schepers.
nee, Dick de alles-of-niets oplossing is simpel en (dus) aantrekkelijk, maar ‘laf’: je moet vuile handen maken. Hellende vlakken horen bij het leven (mijn vrijdagavondcliche, excuus), en ook (wederom) je moet soms iets slechts inzetten tegen iets slechts (aspartaam vs suiker - een eerdere case waar we (inhoudelijk!) botsten.
Je ziet een echte filosoof ben ik niet want ik wantrouw moooie principes (al zijn we aan de conceptuele discussie verslaafd).
@Dick
Een onware uitspraak als ‘De lekkerste aardbeien vind je bij Albert Heijn’ mag van mij, de negentiende-eeuwse gouden medailles op de Heineken-blikjes ook, terwijl ze voor een ander product zijn verdiend. Dat is buigen van de waarheid, maar het geeft verkopers van betere aardbeien en beter bier kans genoeg om hun boodschap over te brengen. Onze ‘gemiddelde consument’ zal hier ook echt wel raad mee weten.
Moet AH zoiets schrijven?:
“Bij Albert Heijn vindt u geen aardbeien van de allerhoogste kwaliteit, maar ze zijn wel rood.”
Dick, die vette quote komt van… Wouter. Ik vind dit een heel zinnige discussie. Zo zinnig zelfs, dat ik mijn gewoonte - in het weekend geen internet - er voor één keer voor opzij zet.
“Bij Albert Heijn vindt u geen aardbeien van de allerhoogste kwaliteit, maar ze zijn wel rood.”
Wouter is goed bezig.
Maar, zo ken je me ondertussen wellicht wel, ik steun jouw case én ik vind het heel belangrijk dat je standvastig blijft in het principe ‘jokken mag niet’. Wouter anticipeert daar gevat op. Maar, hoe vaak ouders ook die boodschap aan hun kinderen overmaken, een ‘leugentje om bestwil’ - ‘t is des menschen.
Van der Land, Hans en Steven, mensen hebben onderling de waarheid altijd verbogen. De zin ‘ik heb de lekkerste aardbeien’ zal ook wel eens voorbijgekomen zijn in het pre-marketing tijdperk. Als die aardbeien te waterig voor woorden waren (toen nog niet waarschijnlijk) werd de bewering gecorrigeerd in het sociaal verkeer. Boer Piet die ze verkocht aan een dorpeling die de zijne toevallig had zien verregenen door aanhoudende heel lokale buien, paste wel op en dimde zijn taalgebruik.
Toen reclametaal in handen kwam van eenrichtingsverkeer communicatie - consumenten zeggen niks terug in het blaadje van AH of in de advertentie van de Aldi - veranderde dat spel.
Dan zegt Van der Land dat de vraag niet is OF maar IN HOEVERRE bij- en verbuigen toegestaan moet worden. Foute vraag.
De vraag is hoe je dat correctie-mechanisme van Kees en Els weer laat functioneren. Dat stel moet hardop en hoorbaar in het achtuur-journaal of op de site van De Telegraaf kunnen zeggen ‘hou toch op met die flauwekul, de lekkerste aardbeien koop je bij X, ik heb ze zelf geproefd’. En als Piet en Babette of Jan en Gert-Jan vinden dat je die bij Y koopt, dan moet dat ook hoorbaar kunnen worden.
Hetzelfde verhaal nu in de woorden van een taalfilosoof. Waarheden tussen mensen komen tot stand in het sociaal verkeer. Gemarketingcommuniceerde waarheden niet. Die worden eenzijdig vastgesteld en uitgezonden. Weerwoord is onmogelijk.
Zo’n blogje als dit maakt vuile handen om tweewegverkeer te kunnen herstellen en te zeggen ‘zwam toch niet, doe gewoon’.
Zo was het nl. altijd al. Dat is normale communicatie.
Nou nog anders geformuleerd: van mij mag dus echt alles - ook kwakzalvers met gezondheidsclaims kenden we al in de Oudheid, misschien zelfs wel in het Neolithicum - als je maar terug kunt praten en dat maar hoorbaar is.
Dan kun je RCC’s en nog veel meer van dat soort instanties afschaffen. Mensen zijn nl. prima in staat zichzelf te beschermen tegen partijen die de communicatieve macht hebben, als je ze maar de mogelijkheid geeft terug te praten op hetzelfde forum.
Vuile handen, waarvan acte.
Dick,
Je moet toch onderscheid maken tussen stijlfiguren en leugens? Met de bewering “Bij AH vindt u de lekkerste aardbeien” wil AH niet zeggen dat ze de lekkerste aardbeien hebben. Het is een overdrijving, net als “Met Muscle is uw badkamer in een oogwenk blinkend schoon”. Door onze gemiddelde consument wordt de aardbeienzin opgevat als ongeveer: “Bij aardbeien vind je behoorlijk lekkere aardbeien”. Wie Nederlands leert, leert dit soort overdrijvingen te herkennen en met een korreltje zout te nemen. Ze zijn idd van alle tijden en niet beperkt tot massacommunicatie. Het hangt ook van de context af. Het maakt overigens uit of de zin in de Allerhande staat of in de Consumentengids.
Het kunnen omgaan met onware zinnen, zowel met overdrijvingen alss leugens, hangt niet af van weerwoord, maar van dat kunnen herkennen. Een overdrijvende trap in een advertentie is meer dan een hint dat dat korreltje zout nodig is.
Bij de Australian-case ontbreken voldoende aanwijzingen dat er sprake is van een stijlfiguur. ‘Australische’ had tussen aanhalings gezet moeten worden, dan was er geen probleem meer, zeker niet als de ware herkomst nog werd vermeld.
De vraag van de RCC zou moeten zijn:
–Zijn er in een reclame-uiting genoeg aanwijzingen aanwezig om haar te begrijpen, uitgaande van een beperkt kennisniveau (LO+)? Zo nee, wordt de consument dan ernstig misleid?
Wouter, mensen zoals wij kunnen een boek volschrijven over een vierkante milimeter taal. De reden dat ik juist deze (in de grond van de zaak volstrekt onnozele) case indiende, is idd ingegeven door het voor een taalkundige volstrekt heldere feit dat AH hier vlgs de code van de RCC zelf over de schreef gaat. Ik vind het dan ook een fout oordeel. Het dédain dat eruit spreekt voor de toepassing van de regels is ernstig te noemen: het is een vorm van klassenjustitie. Ook al is deze case onnozel (’waar maak ik me druk om?’ - noemde jij het ), het gaat niet om deze case maar om de regel.
Die blijkt het RCC aan zijn laars te lappen, waarmee het zijn eigen functie ondermijnt.
Ik heb het hier al vaker gezegd: moderne communicatiemiddelen bieden het publiek de mogelijkheid terug te praten. Laat het dat dan ook doen en zorgt dat het gebeurt. RCC’s, maandenlange procedures voor één uitspraakje zijn dan niet meer nodig. En je verstrekt het taalkundig vermogen van het publiek zelf, dat gebruikt nl. zijn hele grammatica zonder zelfs maar te weten dat het woord met een G begint.
Ik draai de hele case dus om: als het RCC in deze case niet thuis geeft, is duidelijk dat zo’n instantie slechts waarde heeft voor ernstige cases (die er natuurlijk ook zijn), maar niet voor de vele kleine die met elkaar een ernstig verschijnsel op een hellend vlak van een graad of 60 vormen. Daar zijn andere platformen voor nodig. De journalistiek en de moderne interactieve journalistiek.
Zou het toch aardig zijn in beroep te gaan en de RCC op zijn eigen vormfout aan te spreken? Ik moet er misschien nog ‘ns over nadenken. Vooralsnog vind ik dat niet meer dan een aardig tijdverdrijf. Voor intellectuelen (ja, da’s ook een sneer naar mezelf).
Onderwijl is bereikt dat de RCC kleur heeft bekend en door de mand is gevallen. Dát was nl. waar het me om te doen was: wat doen ze daar in Amstelveen met een case als deze?
Want je weet het: rechters en arbiters hebben het laatste woord en kunnen dus niet door de mand vallen ;-)
Wat ook helpt is uit te vinden wat precies de definitie is voor een Australische bonbon. Tijd voor een paar “wie,wat,waar,waarom, hoe"-vragen
Van wat ik me herinner bestaan “Australische bonbons” in ieder geval al vrij lang. In Rotterdam zat er in de jaren ‘90 in een drukke winkelstraat al zo’n chocoladewinkel die “Australische bonbons” verkocht.
Waarom heten ze nu eigenlijk “Australische bonbons”? Deze bonbons hebben de volgende kenmerken:
1) zijn vierkant
2) platte bovenkant
3) dragen meestal een Australisch/aboriginal symbool/patroon (Kangeroe, etc...)
Deze soort bonbons zijn dus duidelijk te onderscheiden van gewone “belgische bonbons”.
Ik dacht eerlijk gezegd altijd dat het “Australisch bonbons” waren vanwege de symbolen/patronen erop. Dat ze ook nog uit Australie zouden moeten komen kwam totaal niet bij me op. Wat AH doet is gewoon een creative reclame slogan en nu ik de achtergrond weet van het (Nederlandse) bedrijf nog een ironische ook. ;)
Dick, overweeg inderdaad dat beroep nog eens, het maakt de case volledig en geeft je de gelegenheid, neem ik aan, om dit soort hogere argumenten in te brengen.
Zelfregulering mbv een reclamecode lijkt mij nog altijd een goede methode en kan zelfs tot veel betere, effectievere reclame leiden. Door reclametaal iets meer te reguleren (’vers’ moet vers betekenen), kunnen reclamemakers zich beter uitdrukken.
“Zelfregulering mbv een reclamecode lijkt mij nog altijd een goede methode en kan zelfs tot veel betere, effectievere reclame leiden. Door reclametaal iets meer te reguleren (’vers’ moet vers betekenen), kunnen reclamemakers zich beter uitdrukken.”
Met het eerste punt kan ik je volgen en ik doe dat dan ook. Maar met het tweede ben ik je kwijt. Ik denk dat een volksgericht aanmerkelijk effectiever is dan zelfregulering.
Een niet-onbelangrijke ex-Wageninger merkte hier vorig jaar op dat het neppen van ‘vers’ wat hem betreft de limit is en dat die in Ndl. gewoon overschreden mag worden.
Voorbeeld. AH verkocht vorig jaar rond Kerst bevroren gedumpt, want om de pels gefokt, Chinees konijnenkadaver (bont en blauw, want eerst gecentrifigureerd om het huidje er mooi glad af te krijgen). Het werd vakkundig ontdooid als ‘vers’ verkocht. Protesteer je daartegen dan krijg je dat er bij de RCC niet door (’jongen, waar maak je je druk over’ - terecht, want er is niks mis met diepvries zolang je het niet nog een keer invriest). “Iedereen weet immers dat vers betekent dat het niet bevroren in het schap ligt.”
Laat de klant maar in de winkel vragen of vers vers is. Moet je eens zien wat er gebeurt.
By the way, ik was net even bij een groothandel - daar doen we nu eenmaal liever boodschappen dan bij AH. Verdomd. Australian Homemade ijs in de aanbieding, met een man achter de counter om het te laten proeven. Ik vragen: “Meneer, mag ik u wat vragen?” Hij zegt: “Natuurlijk”. Je raadt het al: “Waar wordt dit ijs gemaakt”.
Hij moest even denken, want hij voelde nattigheid. Ik keek waarschijnlijk net met zo’n flikker van ironie in m’n ogen. “Ik dacht in Engeland, daar staat de ijsfabriek. Dat is dichterbij.”
Australian ijs komt uit the UK, dat weet toch iedere stijlfigurerende dombo, zou de RCC denken. Ze schrijven het natuurlijk netter op.
En vers komt uit ook de diepvries. Het is alleen alvast ontdooid, want dat is makkelijker. Dat weet ook iedereen.
@Dick: jouw case heeft toch lang op een uitspraak moeten wachten. Het kwaad is dan al geruime tijd geschied en al ver achter de rug.
Ik kan me niet voorstellen dat een volgende case korter duurt, ook al heb je 100% gelijk gekregen en de RCC aan de schandpaal genageld.
Een principekwestie is dus eigenlijk achterhaald door de werkelijkheid. De enige mogelijkheid om te voorkomen dat een onterechte claim wordt geadverteerd is dat iedere adverteerder eerst zijn advertentie voorlegt aan de RCC. Evt. met een inspraakprocedure. Maar dat vraagt langetermijndenken van de aanbieders.
Pjotr, het is heel simpel. Zorg dat het oordeel van het publiek gehoord kan worden. Da’s een heel simpele procedure. Belazer je als aanbieder de kluit dan heb je een probleem. En dus denk je wel na voor je ergens aan begint.
Heb je een slecht product? Idem. Herinner je je de Kryptonite-case? Weet je wat MKZ en vogelpest - overigens onterecht - doen voor de consumptie van vlees en pluimveevlees?
Moraal is iets van het publiek. Dat was altijd al zo en de RCC bewijst het opnieuw. Het wordt tijd dat marketing weer binnen het publieke morele domein kan worden beoordeeld.
Over de snelheid als dat zover is: die gaat net zo snel als real time online maar kan wezen.
Zou je zelf dan niet eens een eerste stap kunnen maken? Je hebt hier een kans voor open doel, maar laat hem liggen.
Ik vind het heel jammer dat jij altijd op beleid wilt aansturen i.p.v. eens een keer goed uithalen. Beleid kan ook volgen uit een aantal gerichte praktische acties en dit lijkt mij een heel grote kans.
Kom op. Vecht de beslissing aan en laat ze een keer door het stof gaan. Niet er omheen blijven draaien.
Poe, niets persoonlijks, hoor :-)
OK Dick, kom maar door met die web 2.0-schandpaal voor marketeers en productmanagers. Maar ongetwijfeld zullen daar de eieren afwisselend harder en minder hard gegooid worden. Ook in handen van een woedende massa of volksrechtbank is moraal een zaak van nuances.
Nieuwste reclame van KCC: “onze nuggets zijn zo lekker omdat ze van ECHTE kipfilet worden gemaakt.”
Pjotr, ik geloof niet dat je helemaal hebt begrepen wat ik bedoel. Op beleid aansturen? In deze case is het tribunaal dat voor dit soort zaken is ingesteld de maat genomen en te licht bevonden. Door mij althans; Hans Schepers oordeelt expliciet in het voordeel van de RCC omdat we moeten leren leven met ‘hellende vlakken’ - een stelling die ook Van der Land lijkt te onderschrijven.
Dat laat chaos over, zoals Wouter van der Land zojuist niettemin opmerkt. Met dank dus aan de RCC.
Een maand of 2 geleden ging de telefoon hier. De adviseur van zo’n supermarkt in kwestie. Of ik eens wilde komen praten over MVO en marketing. Want het publiek wantrouwde alles. Of het nou echt was of nep. Gek he?
Begrijp je, het ultieme moment is al voorbij en alleen Eric hierboven merkte het op. Net een tikkie te gevat in de staart waarschijnlijk:
“Ondersteboven van onze Australische bonbons” is en blijft een overduidelijke verwijzing naar een herkomst, die niet correct blijkt.
Maar ja, als toetsing wordt gedaan door ..... die niet kunnen lezen, laat staan begrijpend kunnen lezen, dat heeft zo’n hele code geen nut. Als je in beroep gaat, komt zo’n bezwaar dan te liggen bij mensen die wél over enig intellect beschikken? Zo ja, dan heeft het zin.
Gewoon doorgaan en de kringen steeds groter maken. Dat heeft wel zin. Voor mij staat de RCC in ieder geval buiten spel. Een oninteressante rechtbank voor zelf-regulering waarvan ik de oordelen mogelijk eens zou willen volgen, maar die ik geen oordeel meer zal vragen omdat deze vrouwe Iustitia zelfs niet tot simpele regeltoepassing in staat blijkt.
Wouter, zo kom je er te makkelijk vanaf. Leg jij eens uit wat het voordeel is van de zelfregulerende organen die zelfs hebben mogelijk gemaakt dat vers niet vers meer is.
De nuance? Laat me niet lachen.
Vlgs mij realiseer je je niet hoe lang en lastig het gevecht is geweest, en nog altijd is, van de wet- en regelgevers, eerst nationaal (warenwet) en toen in Brussel, tegen het grote liegen over levensmiddelen.
Het lijkt erop dat jij liegen als cultuurgoed bent gaan zien, de sjeu in en van het leven. Hans Schepers spreekt nb nadrukkelijk van de noodzaak van het leren leven op een hellend vlak. Dat zeggen betekent vlgs mij dat je er allang helemaal vanaf gegleden bent. Liegen mag, adverteren is gewoon SecondLife geworden.
Al je dromen worden waar, alleen krijg je toch gewoon kanker als je iedere dag braaf Knorr Vie neemt.
Kijk, ik ben dus één van die sukkels die echt dacht dat er iets excluiefs Australisch was aan die bonbons. Ik koop die dingen niet, want gluten-koemelk intolerantie. Maar bij de plaatjes en zo’n advertentie die op ‘down under’ zinspeelt, denk ik echt Australië. En waarom niet? Ze hebben daar ook een heel interessante eetcultuur ontwikkeld. Kijk maar in bladen als Wallpaper.
Je denkt dan bij Australian op z’n minst aan franchising: het concept komt uit Australië, het mag hier worden verkocht onder strenge voorwaarden. Zoals dat bij de Ghraoui-bonbons uit Damascus ook gaat.
Ik, als klant, voel me dus genept. Ik wil bonbons uit Australië, als dat op het doosje staat en niet uit Amsterdam. Als ik Amsterdammertjes wil ga ik wel naar de dropwinkel.
Laat ik mijn eerdere emotionele uitingen wat anders formuleren.
Waar ik in deze zaak vooral moeite mee heb, is het functioneren van de RCC. Niet zozeer met AH, want, zoals ik ook al eerder aangaf, proberen de mensheid te belazeren is al zou oud als de mensheid zelf. En we hebben in NL een instantie die zo’n organisatie daarvoor op de vingers zou moeten tikken. En dat blijkt dus niet te werken. Er is geen enkele rechtvaardiging voor de reclame-uiting van AH, en dat is waar de RCC in advertenties met medische claims vooral op let: is datgene wat beweerd wordt echt waar en mag je het daarom in je reclame-uitingen noemen.
Er is geen enkele rechtvaardiging om iets Australisch te noemen als het niet Australisch is.
Is het erg, dat een organisatie als RCC niet goed functioneert? Ja, dat vind ik van wel. Want we moeten erop kunnen vertrouwen, dáár is zo’n instantie voor. Net zoals ik een fervent tegenstander ben van het Voedingscentrum, want dat doet ook niet wat het publiek denkt dat het moet doen.
Moet Dick tegen deze uitspraak in beroep gaan? Ik denk van niet. De aanklacht richt zich inmiddels niet meer tegen de reclamemaker van AH, maar tegen het RCC zelf. En dan is het in beroep gaan tegen een uitspraak van de RCC geen juist middel, om het RCC zelf aan te pakken.
Dick, ik ben tegen het toestaan van ‘vers’ voor conserven, zoals je weet. De RCC moet dus flink veranderen wat mij betreft. Maar dat is beter dan de overheid alles in handen geven. Je ziet nu al dat er oeverloos beleid wordt gevoerd over waat er allemaal op een verpakking moet komen. Zo’n RCC 2.0 kan er best komen als je ziet hoe MVO zich langzaam maar zeker ontwikkelt. MVO is in feite het terugkrijgen/nemen van bedrijven van maatschappelijke verantwoordelijkheden. Deels omdat dat veel geld kan besparen en dat is niet onbelangrijk.
Het vertellen van leugentjes hoort niet alleen tot onmze cultuur, maar tot onze natuur. Een voetbalverslaggever roept: “Wat een fan-tas-ti-sche goal!”, terwijl het een mooi maar niet uitzonderlijk doelpunt betreft; geliefden overladen elkaar met complimentjes waar geen empirische grond voor is. In jouw optiek mag de groenteboer roepen dat zijn baby de mooiste van de wereld is, maar niet dat zijn kersen de lekkerste van de stad zijn. Waarom mag dat niet? Het is toch pas een probleem als die kersen niet te eten zijn? En dan zit hij snel zonder werk.
Die ‘glijdende schaal’ waar je het steeds over hebt, bestaat niet bij lekker. Er is nog allerlekkerst, maar dan houdt het op. Die glijdende schaal is er wel bij vers geweest. ‘Vers’ is een teken dat iets extra goed of lekker is voor de consument, dus daar zijn marketeers op in gaan spelen, ook voor producten die niet vers zijn, zoals conserven. Hetzelfde geldt voor ‘ambachtelijk’, wat tot merkwaardige constructies als ‘volgens ambachtelijke traditie bereid’ heeft geleid.
Hier is meer sprake van een glijdende schaal; de woorden ‘vers’ en ‘ambachtelijk’ verleizen aan betekenis. Daar zou wat mij betreft beperkingen aan gesteld mogen worden.
Echt vers heeft natuurlijk nog mogelijkheden zoals ‘vandaag geoogst’ (met datumstempel). Ook ambachtelijk kan zichzelf specificeren: ‘gerookt op met de handbijl gehakt beukenhout’ of ‘gebrouwen onder toezicht van monniken’.
Mijn nieuwe regel voor land- stad- of streeknamen: a) wanneer je die gebruikt moet er tenminste ook een herkomstbenaming vermeld worden. b) een nader op te sommen opsomming van geografische benamingen krijgt absolute bescherming
Wouter, je leest me niet goed. Van mij mag de groentenboer alles zeggen. AH ook. Als consumenten maar terug kunnen praten. Dat mechanisme is nl. door massale communicatie ooit doorbroken en daarmee verwerd onschuldige en menseigen jokkerij tot het Grote Liegen.
Vraagje, want het is me nog steeds niet duidelijk: waarom het vlgs jou zin heeft in beroep te gaan? Eric geeft duidelijk aan waarom dat niet moet. Ik ben het roerend met hem eens.
Ik vond eerlijk gezegd dat terugpraatcriterium niet zo sterk. Elk bedrijf heeft een klantenservice en in de AH mag alles vragen. Verder is dat terugpraten niet praktisch. Schriftelijke informatie zogt ervoor dat de rijen korter zijn. Daar is weer niets mis mee, zolang er een zekere integriteit wordt betracht. Het is eker zo dat reclame soms meer indringend en massaal is dan gewenst, maar dat heeft niet zozeer met de inhoud te maken.
Over het beroep: de beroepscommissie van de RCC maakt deel uit van de RCC en is dus deel van de vraag hoe goed/slecht de RCC zijn werk doet, en hoed goed dit gewaarborgd wordt door de beroepscommissie. Je kunt ook een tweede klacht indienen ter controle.
@Vragen aan de Allerhande, klachten, werden in mijn geval nooit beantwoord. Het is een zwart gat waar je commentaar in kiept. Dat ‘terugpraten’ doe je dus in het luchtledige.
En zo is dat ‘terugpraten’ van mij ook niet bedoeld, zoals Wouter vast wel begrijpt.
Terugpraten = op basis van gelijkwaardigheid. De klanten van de groentenboer en slager in het dorp konden zodanig terugpraten dat andere klanten het hoorden en de groentenboer en slager het niet eens in hoofd haalden al te gekke dingen te roepen. De klant van de supermarkt kan dat niet, zelfs niet via een ‘meldpunt’ (mocht iemand het in zijn hoofd halen dat voor te stellen).
@Dick,
Vergelijkbaar heb je in deze tijd de journalistiek en allerlei consumentenclubs op internet. Terugpraten in die zin kan. Het is wel een verschil dat Bep & Toos, die vroeger alleen het huishouden deden, nu zelf ook een baan baan hebben en Eliza en Cato heten. Er is geen tijd meer om uitgebreid met de groenteboer, de slager, de bakker en de melkboer te beppen en dus moeten er andere waarborgen komen. Maar dat hoeft geen virtuele lynchmob te zijn, dat kan best via MVO.
Nee Wouter, dat kan niet. Omdat - een woord dat jij heel goed snapt - de communicatiebalans is verdwenen.
De afzender is dominant aanwezig en vereenzijdigt daarmee ‘onze’ perceptie van de werkelijkheid. De beeldvorming is alleen nog gericht en zelfs volledig gestuurd op verkopen. Niet op andere belangen. Van een societale beeldvorming rond voedsel is geen sprake meer.
Dit blogje en zo nog een paar bereiken vanaf de kant van de ontvanger een intellectueel topje van de samenleving en buldert er met speldeprikjes op los. Zelfs als bijv. Trouw zo wijs zou wezen er iets op te verzinnen, zou het een speldeprik blijven.
MVO - via de RCC?
Trouwens lynchmob (vind ik eigenlijk niet zo aardig gezegd): bedoel je daarmee een oneigenlijk genomen vrijheid op de belangen van de aanbieder? Ik zou zeggen: bekijk het eens vanaf de andere kant.
Nog nooit hebben mensen zich zo goed kunnen informeren over voedsel als nu. Nog nooit heeft men beter de mogelijkheid om op grond daarvan gezond te eten. En toch gebeurt dat niet. Komt dat doordat men niet terug kan praten tegen een groenteboer in een Swiebertje-dorp? Nee, ik denk dat het probleem van de verstoorde communicatiebalans bij de ontavnger ligt. Men WIL graag geloven in de goedkoopste praatjes. Er zou dus een CCC-commissie moeten komen, een conumentencodecommissie. Nietzomaar de supermarkt in. Dat is precies wat de overheid omslachtig probeert te bewerkstelligen met labels etc.
Ow dus de burger is een uit Swiebertje-dorp ontsnapte dombo die Bromsnor mist?
Het informeren waar jij het over hebt is net zo mogelijk als complex dat mensen die moeite niet nemen. Daarom neemt degene die dat wel kan en de zendmacht heeft zo graag een loopje met de intellectuele vermogens van zijn publiek.
Je neemt een buitengewoon elitair standpunt in. De burger is geen dombo en moet geen intello hoeven te zijn om op zijn bord te krijgen wat hij daar wil hebben.
Vragen dat burgers zelf op informatie uitgaan is niet elitair, maar een roep om beschaving: durf je eigen verstand te gebruiken. Het is dus ook geen burger-als-dombostandpunt, integendeel.
Een lichtend voorbeeld is dat Nederlanders steeds meer vis gaan eten, vemoedelijk vanwege de verschillende bronnen die zeggen dat dat gezond is.
Waarom geef je de consument niet de kans om dombo te zijn? In de financiële wereld worden rechtszaken gevoerd wegens het achterblijven van de zorgplicht en misleidende advertenties van banken (aandelenlease).
Als je als producent dan activistisch de consument wilt belazeren, zie je hem als dombo die alles pikt en slikt. Want de consument wil alleen maar consumeren. Waarom moet de consument dat alles gaan lezen? Heb je wel eens de lettertjes op een tube tandpasta proberen te ontcijferen?
De consument moet kunnen vertrouwen op de waarheid van een claim. Al was het alleen maar om, in dit onderhavige geval, eens te proberen hoe chocolade uit Australië smaakt.
Wouter da’s een voorbeeld van een campagne die goed is. Stop er een campagne voor Knorr Vie in en iedereen gaat voor de Knorr Vie. Niet dat dat spul slecht is, maar niet wat het suggereert te zijn.
Je doet een boeiende bewering: de beschaving is intellectueel, daarom moet je als burger zelf gaan zoeken om onder de reclame je eigen waarheid te vinden.
Ik ben met je eens dat dat de uitdaging is geworden. Als we het zo moeilijk maken verwijs je alleen een boel mensen naar het vuilnisvat van onze beschaving. Dat noem ik wel degelijk elitair.
Pjotr, Wouter wenst ze niet alleen de kans, maar ook het recht te ontnemen. Ik ga overigens uit van de burger die vlgs onze grondwet nog altijd wordt geacht autonoom te kunnen zijn en autonoom keuzen te kunnen maken. Dat lukte hem tot nog niet eens zo heel lang geleden aardig.
Dat vergt geen maatschappelijk verantwoord optreden van een communicator, maar alleen maar geen maatschappelijk onverantwoorde communicatie. Dwz communicatie die het hem onmogelijk maakt nog langer burger te zijn omdat willens en wetens een loopje wordt genomen met wat hij aan kan.
De burger tot voor kort autonoom? Dat moet je uitleggen.
Tot 1965 is de verzuiling juist het toppunt van wederzijdse afhankelijkheid geweest. Sociale controle, opvang, opleiding werden georganiseerd door de groep waar je bijhoorde. Het leven voltrok zich volgens de normen van die groep. En als het mis ging, ving men elkaar op.
Pas in de tijd dat er gemakzucht ontstond door luxe ging het mis. Dat is geen autonomie, maar leven naar wat er op je af kwam. Salarissen stegen, buitenlandse vakanties voor iedereen.
En die gemakzucht werd steeds erger. De mensen vertrouwden er op dat wat ze vroeger aten nu door de voedselfabrikanten werd verzorgd. Geen andijvie schoonmaken en snijden, maar voorgesneden voorverpakt. Soep niet versgetrokken, maar uit een zakje met heet water. Die gemakzucht is door de fabrikanten misbruikt door van alles in hun producten te stoppen en te claimen dat het net zulk voedsel is als vroeger. En wij (de appieconsument) nemen dat voetstoots aan.
De burger is niet autonoom in zijn voedingskeuzes, omdat hij wel wat anders aan z’n hoofd heeft dan eten. Hij wil gemakkelijk leven.
“De burger is niet autonoom in zijn voedingskeuzes, omdat hij wel wat anders aan z’n hoofd heeft dan eten.”
Jij denkt toch ook niet de hele dag aan het functioneren van de vier computers die jouw auto op de weg houden?
Ja Pjotr, dat is nou precies waar ik het over heb. En daarom verbind ik er die consequentie aan: communiceer er niet onverantwoordelijk over want dan maak je het er niet beter op.
Ik weet niet welk kant jij op wilt: de burger een flink pak op z’n donder geven omdat hij zo lui is?
Zo ja, vertel jij me dan nu meteen even hoeveel suiker er in tomatenketchup zit. Anders moet je jezelf nl. ook een flinke schop onder je kont laten geven.
Btw, Wouter, leg jij nog even uit hoe een gewone Nederlander - of ik, sukkel - die dit leest afgelopen Kerst had kunnen weten dat zijn konijn niet vers was? Idem voor de ontdooide visjes die vers lijken in onze supers.
Vlgs jou kan hij zich immers zo goed informeren en vlgs Pjotr is hij een luiwammes.
Je draait om de hete brij heen, Dick. Wat wil je nou eigenlijk bereiken door elke keer een dam op te werpen?
De goed geïnformeerde consument hoeft toch niet elke keer de verpakking te lezen wanneer hij iets koopt? Na één keer zichzelf te informeren mag hij toch wel zeker van zijn zaak zijn? Maar zo werkt de praktijk niet. Ingrediënten veranderen stiekem, zonder grote waarschuwingsborden en sirenes. Hoogstens door het stempel ‘vernieuwd’. Maar dat is meestal een holle kreet.
Moet een hoogbegaafde kritische consument nou echt altijd op z’n hoede zijn? Moet een woordblinde nou elke keer iemand meenemen om de verpakkingen te lezen? Moeten al die vage kreten op de verpakking door iedereen begrepen worden? Zelfs Pabo-studenten hebben moeite met procenten.
Het grote probleem is dat de voedselleveranciers zichzelf te kakken hebben gezet door onbetrouwbaar met het voedsel en de voorlichting om te gaan. Daarom hoeft het niveau van de consument niet hoger te zijn dan dat van een ‘dombo’. Juist omdat de fabrikanten het maar niet leren om betrouwbaar te zijn, moeten ze maar eens beperkt worden in hun mogelijkheden. En dat is het niveau van de mensen die niet kunnen lezen en ook niet weten wat goed voor ze is.
Eh, ik heb even gezocht in de voorraadkasten en koelkast, maar wij hebben geen tomatenketchup in huis. Volgens mijn vrouw gebruiken wij dat nooit ;-)
Pjotr, wat bedoel je? Vlgs mij ben ik glashelder:
- ik wil dat een consument niet voortdurend achterom hoef te kijken
- ik vind de RCC in deze zaak onzuiver oordelen en daarmee dat die zich buitenspel plaatst
- Wouter beweert dat de consument zich moet informeren tegen leugens omdat hij dat meer dan ooit kan; ik beweer van niet - ik wacht nog op Wouter’s verse konijn en vis antwoord
Wat voor dammen werp ik in godsnaam op? Echt, ik begrijp je gewoon niet.
Over in beroep gaan? Laat het duidelijk zijn: dat doe ik niet. Wat het RCC in zo’n simpele case waard is, is bij deze aangetoond. Hoezo dus in beroep. In beroep gaan is aan hen. Tegen zichzelf.
Nog een controle-vraag, zoals Wouter suggereert? En daarna nog één en nog één zeker. Neen dus. Zo’n instantie heeft mensen genoeg om professioneel te zijn. De aard van die professionaliteit is volkomen helder geworden.
Die dammen bedoel ik niet. Ik bedoel dat het lijkt alsof je alleen maar wilt discussiëren en daar verder geen gevolgen aan wilt verbinden.
Dit blog kan bogen op de medewerking van een enorme hoeveelheid knappe koppen op het gebied van voeding. Zeer bekende mensen ook die met hun bekendheid de publiciteit kunnen beïnvloeden, of in ieder geval in gang brengen. Wat is het dan jammer om te zien dat alle inhoud van de discussies over dit soort onderwerpen nergens toe leidt. Zonde van de moeite, hoe interessant ook.
Wat wil je hier dan aan verbinden, lieve Pjotr?
Begrijp het dan: de RCC STAAT IN MINDER DAN Z’N ONDERBROEK.
Dacht je dat ze me dat ook nog even willen komen toegeven?
Dat is aan het publiek, w.o. jij dus. Van der Land en Schepers plaatsen zich daar in ieder geval buiten en gaan liever door met de georganiseerde leugen en zijn zelfregulering. Niet omdat ze daar voor zijn, maar omdat ze het hellende vlak inmiddels als deel van onze cultuur zien.
Paarse koeien zijn een ‘figure of speech’. Maar vraag maar eens aan kleine stadskinderen wat koeien voor kleur hebben.
@Dick, ik heb niks met de RCC, hou niet van reclame, maar je aanval op het gebruik van Australisch als thema ipv als herkomst was gewoon niet sterk gekozen:
Het zijn gewoon bonbons met een Australische sfeer (de print), voor als je een Australie gevoel wilt hebben, zie comment van Lizet. Wilde zij nu echt een simpele homp calorieen helemaal van 20000km verweg?? nee toch?
Bij begrippen als vers, gezond, enz mag wat mij betreft WEL een streep worden getrokken waar de speelse glooiende weide feitelijk een gevaarlijk ravijn is. Daarbij moet de overheid harde regels maken en handhaven (geen zelfregulering) en verwijzen naar de dan geldende stand van de wetenschappelijke ‘meningen’/ percepties/ feiten, en vooral ook bereid zijn die normen aan te passen zodra de wetenschap verder is (of niet meer zo overtuigd van de vorige norm.
Bij deze laatste kromme zin denk ik uiteraard aan voortschrijdend inzicht als bij linolzuur/ linoleenzuren, en het oordeel over eindeloos vruchten fruit vreten.
Ja, en pizza’s groeien aan bomen. Ik heb het gelezen.
Welk publiek leest deze uitspraak van de RCC, beste Dick? Ik lees maar één krant en daar ben ik de uitspraak niet in tegengekomen. Op tv niets van gezien en hier op internet alleen op foodlog.nl. En op de site van de RCC kan ik de uitspraak ook niet makkelijk terugvinden.
De RCC komt hier erg makkelijk mee weg. En nee, ik ga niet verder zeuren over beroep. Maar ik vind het jammer van de hoopgevende start.
Hans, niet sterk gekozen? De boodschap is taalkundig voor de volle 100% een 2-vingers in de neus test voor de zuiverheid waarmee de RCC zijn eigen regels toepast. De inhoud van de case is irrelevant. Het zou te gek zijn als dat anders was.
En ja, Pjotr. Die cases mogen allemaal, want de ‘gemiddelde consument’ waarvoor de RCC zich niet hoeft te verantwoorden vindt dat. De gemiddelde consument weet immers dat pizza’s niet aan bomen groeien, koeien niet paars zijn, tomatensaus niet aan planten groeit en dat verse vis uit de tropen die niet bevroren in de schappen ligt eerst ontdooid is.
Ik kan het niet in de NRC en de Volkskrant zetten. De journalisten daar wel. Doen ze het niet, dan weet je wat ze het waard vinden. Ik ben in ieder geval niet van plan de rechter te vragen zijn eigen oordeel te herzien. Hij zal me confronteren met de gemiddelde consument die hij wel maar ik niet mag inroepen als getuige. En als ik kom met 50 opgenomen consumenten op een youtubetje, heet die steekproef niet representatief. De zijne wel, al bestaat de steekproef in zijn geval uit 0 respondenten.
Is het je overigens opgevallen dat het oordeel zelf van die rechter hier door een overgrote meerderheid wordt afgewezen?
Hoeveel groter wil je de hoopgevende start waar je het over hebt hebben?
Bedelf het RCC onder cases. Ik zal ze hier met plezier melden, doch enkel en alleen om de structuur van de uitspraken te bestuderen. Dit is alvast de eerste. Na nummer 10 op deze manier gaat het opvallen. Dat durf ik wel te beweren. Kom maar op: werk een tiental helder cases fatsoenlijk uit en dien een klacht in. Klacht plus antwoord publiceer ik hier.
Voor ik het vergeet: het ge-emmer daartussen wil ik niet. Gewoon klacht + antwoord. Heel clean. En wel heldere en goed beargumenteerde cases graag.
Helder, clean, ja best, dat zijn platonische ideeen in je hoofd (als je geluk hebt). Leuk voor intellectuelen. De baan van een rechter is gruwelijker: vuile handen maken, want hij/zij moet bepalen waar die dode, heldere letter toegepast kan worden op de levende, smoezelige wereld. Je case was te helder, en als je helder gelijk zou krijgen, omdat je inderdaad een voorbeeld hebt gevonden van wat de regels al implicieren, ben je nog nergens: je zou het resultaat van je irrelavante case niet mogen extrapoleren naar de moeilijke gevallen, waar we WEL in geinteresseerd zijn (vers, gezond).
Over elk geval wil een rechter oordelen, en begrijpelijk (maar een kritische discussie waard).
@Hans, nee ik wil nooit chocola uit de supermarkt, ging louter op de reklame af. Die suggereerde Australië en dan verwacht ik ook Australië. Het is wat anders dan een tigerprint truitje. Daarvan weet je dat het niet van een tijgervel gemaakt is, maar slechts een motiefje leent. Die associatie heb ik niet bij Australian chocolade.
Daarentegen als AH de échte Damascener Grhaoui chocola zou importeren, dan word ik wakker.
Hans, wat bedoel je? Deze case was zeer relevant waar het gaat om de manier waarop de RCC regels toepast.
Deze rechtbank heeft wel heel vuile handen gemaakt waar het aankomt op regeltoepassing. Met deze case trekt het de basis onder zijn betrouwbaarheid omver.
Het is niet aan de rechter om te oordelen over de inhoudelijke relevantie van de case in relatie tot de meta-case. Hij geeft er nl. manifest blijk van daar geen enkele visie op te hebben. Nog een paar jaar verder, alle koeien uit de wei, cq. ouders die gewoon ook in het weekend in de stad bljven en koeien zijn voortaan paars, tomatensaus komt van een struik, Leerdammer komt uit Leerdam en Old Amsterdam is onze meest authentieke kaas.
Want iedereen weet dat. O ja? Hoe dan.
Dat hellende vlak heb jij geaccepteerd en je hebt medelijden met de gruwelijk moeilijke taak van de rechter. Je vindt het kennelijk prima dat kinderen niet met de werkelijkheid corresponderende beelden van de werkelijkheid krijgen opgedrongen die hun wereld compleet virtualiseren krijgen en daarmee al even compleet manipuleerbaar maken. Dat alles gedreven door de verkoopgedreven betekenisvorming van marketeers.
Ook inhoudelijk is deze case daarom uiterst relevant. Tenzij je deze opwinding oninteressant vindt en marketingcommunicatie accepteert als dominant kanaal voor de betekenisvorming rond voedsel.
Dick, de RCC had je gelijk kunnen geven als ze kijken naar de letter (van de wet), maar ze keken naar de geest...Europa gelukkig ipv Amerikaanse toestanden.
Dat “gedreven door de verkoopgedreven betekenisvorming van marketeers” is een scherpe bocht waar je mij op basis van extrapolatie positioneert in een hoek waar ik niet zit. Je hoeft niets terug te nemen, ik reageer (zo wil je het ook zien):
Ik observeer eerder dan dat ik goedkeur als ik ook zie dat, zoals je het sterk zegt:
marketingcommunicatie een dominant kanaal wordt voor betekenisvorming.
Wat mij betreft mag marketingcommunicatie aan banden gelegd worden (door een overheid), dat helpt. En/of (niet noodzakelijkerwijs vanuit een overheid) worden consumenten sterker getraind in het doorprikken van fabeltjes of krijgen betekenissen anderszins aangereikt (via vakken biologie, verzorging, filosofie, kunst, geschiedenis enz enz).
Deze verkoop-gedreven betekenisvorming zit ons allen bij voedsel gelukkig nog meer dwars dan bij allerhande hardware, waar mensen ook veel in termen van gigaherzen en 16-kleppigheid praten in plaats over het gebruik van die gear.
Je vindt het kennelijk prima dat kinderen niet met de werkelijkheid corresponderende beelden van de werkelijkheid krijgen opgedrongen die hun wereld compleet virtualiseren krijgen en daarmee al even compleet manipuleerbaar maken.
Nu overdrijf je zelf, Dick. De kinderen die achterstanden oplopen in wereldwijsheid doen dat doordat ze niet worden opgevoed, niet door de reclame. Lui burgerschap, de burger die vindt dat hij op vanalles recht heeft en voor vanalles door de overheid moet gevrijwaard worden is een veel grotere ramp voor wereldwijsheid dan aanprijzende taal, waar, zo zeggen de deskundigen, de jongste generaties zonder problemen doorheen prikken.
Al verbied je reclame, dan worden die slecht opgevoede kinderen nog steeds de hele dag voor Spongbob gezet om ze zoet te houden en komen ze er helemaal niet achter hoe tomaten er uitzien.
Hans, ik constateer dat je schuift. Nog ff precies graag: naar welk idee in de “geest” van de wet keken ze dan zo gezellig Europees?
Wouter, voor jou lagen nog een paar andere vragen in stock hierboven. Antwoord daar eerst maar eens op.
Wouter, ook jij overdrijft: kinderen prikken er volgens deskundigen doorheen. Die deskundigen bestaan niet. Zelfverklaarde deskundigen genoeg, en ook deskundigen die door belanghebben naar voren worden geschoven.
De metingen deugen ook niet, want er wordt gevraagd: “geloof jij de reclame” (oid). Daarmee maak je het stoere antwoord ‘nee’ erg gemakkelijk.
Echt reclame werkt, en op een manier (onbewuster) die je niet meet met vragen, waar braaf uitkomst dat het niet werkt…
En het kan ook nog zo zijn dat kinderen de boel WEL doorzien, maar 10 jaar later als volwassen dombo’s de interesse niet meer hebben om door info heen te prikken.
Je hebt vind ik wel een punt over luie burgers.
Wouter generaliseert idd op het groteske af. Ik heb het niet over Sponge Bobben. Ik heb het simpelweg over het beeld van kinderen bij een koe, een Leerdammerkaas of zelfs een aardappel.
@Dick,
Heb ik huiswerk? Ik zal ernaar kijken. Maar mag ik aannemen dat je met dit laatste punt ook meegaat?
@Hans, de bekendste partij dit dit beweert is reclamebureau Keesie, gespecialiseerd in “Kinder- en jongerencommunicatie”. Ze baseren zich op gesprekken met kinderen en andere deskundigen. Niet heel wetenschappelijk dus, maar misschien zijn er rapporten te vinden. Ik geloof ook wel dat reclame werkt. Maar dat is niet erg? Het is alleen erg als het ernstig misleidend is en/of mensen schade berokkent.
Jazeker Wouter, die vragen over vers en het - vlgs jou - feit dat de burger zich zo goed kan informeren. Zijn dombodom ligt daarmee vlgs jou aan hem.
Om het makkelijk te maken (9:11 pm gisteravond):
Btw, Wouter, leg jij nog even uit hoe een gewone Nederlander - of ik, sukkel - die dit leest afgelopen Kerst had kunnen weten dat zijn konijn niet vers was? Idem voor de ontdooide visjes die vers lijken in onze supers.
Vlgs jou kan hij zich immers zo goed informeren en vlgs Pjotr is hij een luiwammes
Dit is inmiddels een onleesbare thread tussen-een-paar-mensen-die-het-nog-kunnen-volgen, maar vooruit.
Wouter vindt het niet erg dat reclame misleidt. Het is alleen erg als het mensen schade berokkent.
Wouter, wanneer berokkent reclame mensen schade?
Ik vermoed dat jij een ‘distorted cow perception’ (paarse ipv echte koeien) en een ‘distorted chocolate origin perception’ (wat maakt het uit, Belgisch of Australisch klinkt toch leuk?) geen schade vindt. Vers als vers ‘vers ontdooid’ betekent vind je weer wel een probleem. Daar snap ik niks van: ik word daar toch niet ziek van ofzo? Terwijl mijn kinderen van die paarse koeien nou juist wel ziek worden: ze krijgen er een verdraaid beeld van de werkelijkheid van. Van die Australische chocolade gaat hun wereld zelfs op de kop staan.
Nog even in herinnering roepend waar het ook alweer over ging:
De advertentietekst luidde:
“Wat je van ver haalt is lekker. En wat je van heel ver haalt is nóg lekkerder. Dat bewijzen onze Australian Homemade-bonbons. Ja, die zijn nu bij Albert Heijn te koop!”
Dick besloot daarop het functioneren van de RCC te beproeven. En lees maar na: niet zozeer omdat AH nu een loopje nam met de waarheid, maar omdat je voor een testcase nu eenmaal een case nodig hebt. En dat werd in dit geval AH, waarschijnlijk omdat het er in dit geval duimendik bovenop lag: de reclame-uiting is in strijd met bepalingen 5 en 7, aldus Dick in zijn aanklacht.
Ondanks dat Dick de RCC al voorzag van munitie om AH te bestraffen voor deze reclame-uiting (het noemen van de artikelen), besloot het RCC anders.
Dat frustreert, dat is inmiddels wel duidelijk, gezien het grote aantal reacties.
Maar frustratie en vast gaan bijten in deze ene case lijkt (mij althans) niet de manier om het werkelijke probleem aan te pakken: het functioneren van de RCC.
Want waarom moet een fabrikant wél met bewijzen aankomen dat zijn product ‘goed is voor de darmwerking’, en hoeft AH niet aan te tonen dat de ‘van ver gehaalde’ Australische bonbons inderdaad uit Australië komen. Erger nog, de RCC wéét dat de bonbons niet uit Australië komen. Op voedingsgebied is de consument kennelijk vogelvrij, want de RCC ontpopt zich op dat gebied als de ‘horen, zien en zwijgen-aapjes’.
Tijd dus om het functioneren van de RCC zelf aan de kaak te stellen. En dan niet door middel van een afleidende case als die van AH.
Bij wie dien je dan een klacht tegen het functioneren van de RCC in? Ministerie? Of via Consumentenbond?
Overigens; nu ik het nog eens herlees, is dat flirten met niet-gemaakte eetmeters voor een product in deze tijden van MVO niet nog on-ethischer dan het simpel neppen van de klant met een foute benaming?
Eric, dank!!! Spijker op z’n kop.
Lizet, laten we het onderwerp strak houden.
€6,95 kosten die bonbons!!! En dan wordt je nog genept ook!!! Belachelijk!!! Hetzelfde als Bertolli!! Zie het volgende wat ze op de site zetten:
Bertolli ontstond in 1865 in Toscane. In het kleine stadje Lucca maakten Francesco en Caterina Bertolli de eerste fles Bertolli olijfolie. In de jaren daarop groeide Bertolli uit tot een internationaal merk. Het is nu wereldwijd het grootste merk in olijfolie. En natuurlijk zijn er heel wat Bertolli producten bijgekomen.
Hoe hard Bertolli ook is gegroeid, een aantal dingen zijn hetzelfde gebleven. Al 140 jaar worden onze producten met evenveel trots gemaakt. En nog steeds is de Italiaanse levensstijl ons voorbeeld. Alles draait om genieten van de kleine dingen in het leven. En lekker en puur eten speelt hierbij een belangrijke rol.
