Boerenblad Nieuwe Oogst noteert het feit dat het nieuwe kabinet zoals reeds verwacht geen inkrimping van de dierstapel oplegt om de negatieve klimaatimpact van de dierstapel in te perken. Wel zullen kostenverhogende eisen worden doorgevoerd zodat die beperking via de markt kan plaatsvinden; voor met name varkenshouders in Brabant komt wel geld beschikbaar voor warme sanering.

Opvallend in het akkoord zijn verwijzingen naar bovenwettelijke productiestandaards waarvoor de Nederlandse Mededingingsautoriteit ACM handhavingstaken krijgt die moeten zorgen voor 'eerlijke prijzen', dat wil zeggen prijzen waartegen ook de wat duurdere Nederlandse boer kan produceren.

Demissionair premier Mark Rutte is tot formateur benoemd om een kabinet te formeren dat bestaat uit zestien ministers en acht staatssecretarissen. Zes ministers zullen door de VVD worden voorgedragen, vier door het CDA, vier door D66 en twee door de CU. De VVD krijgt drie staatssecretarissen, het CDA en D66 ieder twee en CU één. Informateur Zalm beëindigde vandaag zijn werk en schrijft: "Over de omschrijving van de beleidsterreinen van de bewindspersonen is een aantal malen gesproken. De conclusie is dat de besluitvorming daarover tijdens de formatiefase zal plaatsvinden. Dat geeft de flexibiliteit om een goede afstemming te realiseren tussen de postenverdeling en de personele bezetting." Zalm verwacht geen problemen door dit open einde dat de formateur nog moet oplossen.

Het CBL - de koepel van supermarkten - reageerde vanmiddag in een persbericht als volgt op de eerlijke prijscontrole door de ACM: Er komt een speciaal team bij de ACM om vermeende oneerlijke handelspraktijken en verstoorde marktmacht aan te pakken en de ACM krijgt zonodig extra, specifieke bevoegdheden ten aanzien van geschillen met betrekking tot de gedragscode voor eerlijke handelspraktijken. De ACM ziet er ook op toe dat boeren en tuinders hogere prijzen ontvangen van afnemers die bovenwettelijke eisen stellen, bijvoorbeeld ten aanzien van duurzaamheid of dierenwelzijn. Daarbij wordt de mededingingswet aangepast, zodat samenwerking in de land- en tuinbouw expliciet wordt toegestaan. Tot slot wordt onderzocht hoe samenwerking met het oog op duurzaamheid, tussen bedrijven en in ketens kan worden gerealiseerd.
Het CBL ziet hiervoor geen extra noodzaak, omdat de ACM reeds op gezette tijden de voedselketen onder de loep neemt en onderzoekt hoe de keten is georganiseerd en hoe marges worden verdeeld. De Gedragscode voor fatsoenlijk zakendoen en geschilbeslechtingprocedure wordt succesvol door de ketenpartijen nageleefd en uitgevoerd.


Hieronder nemen we het totale landbouw-, voedsel-, visserij- natuur- en dierenwelzijnsakkoord van Rutte III integraal over:

Dick Veerman
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


3.4 Landbouw, voedsel, natuur, visserij en dierenwelzijn
Nederland is de tweede voedselexporteur ter wereld. Onze agro-foodsector kan een belangrijke bijdrage leveren aan een duurzame voedselvoorziening voor de groeiende wereldbevolking. Het beleid is er op gericht dit potentieel te benutten, binnen de geldende natuur- en milieunormen. Innovatie en ondernemerschap zijn daarbij cruciaal, net als aandacht voor de continuïteit van gezinsbedrijven die een grote rol spelen in de sector.
Innovatie moet ook onderdeel zijn van een eigentijds Europees Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, net als duurzaamheid, voedselzekerheid en voedselveiligheid. Ook streeft Nederland internationaal met andere koplopers naar verbetering van het dierenwelzijn. Bij handelsverdragen wordt niet getornd aan de Europese standaarden. We spannen ons in voor herstel en behoud van de Nederlandse natuur, bijvoorbeeld met de oprichting van één beheerautoriteit voor de Waddenzee.
44
Nationaal beleid
 Nationaal beleid is er op gericht om zo efficiënt mogelijk aan de Europese eisen te voldoen. Een gelijk speelveld tussen producenten in de verschillende EU-landen vereist dat er zo min mogelijk zogeheten ‘nationale koppen’ op Europese regels zijn.
 Niet tijdig voldoen aan EU-normen dwingt tot hard ingrijpen, met soms vergaande consequenties voor individuele bedrijven. Dat willen we voorkomen door samen met de sector te inventariseren wat de langetermijnopgaven zijn en gezamenlijke actieplannen op te stellen. De versterking van de kringlooplandbouw en de dalende bodemvruchtbaarheid worden hierin meegenomen.
 Het zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn zal worden uitgevoerd. Dit actieprogramma definieert maatregelen die de standaard vormen voor duurzaam en landbouwkundig doelmatig gebruik van stikstof en fosfaat in de Nederlandse landbouw. Door het van kracht worden van de maatregelen in het zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn zal voor de periode 2018-2021 opnieuw een uitzondering (“derogatie”) van de Nitraatrichtlijn verkregen moeten worden.
 Het laatste decennium zijn we in Nederland geconfronteerd met de gezondheids- en leefomgevingsrisico’s in gebieden met een zeer hoge veedichtheid. Die kunnen en willen we niet negeren. Het kabinet zal met de sector en de betreffende provincies bezien hoe we deze problematiek kunnen aanpakken. In samenspraak met de provincies (met name Noord Brabant) wordt bezien hoe een warme sanering van de varkenshouderij in belaste gebieden kan worden vormgeven. Het rijk reserveert hiervoor financiële middelen.
 Er komt een bedrijfsovernamefonds waaruit jonge boeren worden ondersteund om de overname van het gezinsbedrijf en investeringen in innovatie te financieren.
 Om het dierenwelzijn en de voedselveiligheid te borgen en de reputatie van de Nederlandse agrofoodsector te beschermen word het toezicht aangescherpt. De NVWA wordt doorgelicht op
kosteneffectiviteit en efficiëntie. We intensiveren structureel 20 mln. voor versterking van de organisatie.
 We ondersteunen initiatieven die de verbinding tussen boer en burger versterken, zoals city-landbouw en de verkoop van streekproducten op de boerderij.
 De mededingingswet wordt aangepast zodat samenwerking in de land- en tuinbouw expliciet wordt toegestaan. Dit om de ongelijke machtsverhoudingen in de keten te compenseren.
 Op verzoek van branche- of producentenorganisaties kan de overheid sectorale afspraken in de land- en tuinbouw algemeen verbindend verklaren (AVV-en), bijvoorbeeld voor de financiering van onderzoek naar innovatieve producten en het verplichten van duurzamere standaarden. Hierbij wordt rekening gehouden met Europese kaders en de Nederlandse exportpositie. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) krijgt een speciaal team voor geschillenbeslechting in de agro-nutriketen.
 De ACM gaat erop toezien dat boeren en tuinders hogere prijzen ontvangen van afnemers die bovenwettelijke eisen stellen, bijvoorbeeld ten aanzien van duurzaamheid of dierenwelzijn.
 Om een gezonde leefomgeving te waarborgen voor mensen en dieren zal het kabinet de samenwerking in de Regio FoodValley ondersteunen en de uitkomsten daarvan beschikbaar maken voor de rest van Nederland.
 Ten opzichte van het emissiepad bij ongewijzigd beleid moeten de broeikasgasemissies uit de landbouw in 2030 met 3,5 Mton afnemen. Het kabinet zal met de sector in gesprek gaan over de invulling hiervan.
Daarbij hebben technische maatregelen (mestverwerking, voedselmix, kas als energiebron, etc.) de voorkeur boven volumebeperkende maatregelen.
 Voor het tegengaan van methaanuitstoot in de landbouw wordt er in samenwerking met waterschappen en betrokken boeren geëxperimenteerd met flexibel peilbeheer, en verder onderzoek naar
onderwaterdrainage en praktijkonderzoek naar daling methaanemissie mestopslagen. In samenwerking met boeren wordt in de directe omgeving van Natura 2000 gebieden bekeken of agrarisch natuurbeheer een bijdrage kan leveren aan minder intensieflandgebruik en daarmee aan de klimaatopgave en natuurherstel. Het kabinet gaat betrokken boeren hier dan voor compenseren en benut daarbij alle mogelijkheden van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).
 Waar nodig en mogelijk krijgen supermarkten en horeca meer ruimte om overschotten aan voedselbanken te doneren.
 Ten behoeve van de 2027-doelen van de Kaderrichtlijn Water maakt het kabinet afspraken met de decentrale overheden over de ondersteuning van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW).
 Regionaal maatwerk voor de aanpak van wateroverlast, waterkwaliteit en zoetwatergebruik is mogelijk om tegen minimale maatschappelijke kosten aan de eisen van de Nitraatrichtlijn te voldoen.
 Het beleid ten aanzien van nationale parken wordt voortgezet.
 Er komt één beheerautoriteit voor de Waddenzee die een integraal beheerplan uitvoert, waardoor betere bescherming van natuurgebieden gecombineerd wordt met beter visbeheer.
45
 De programmatische aanpak stikstof (PAS) wordt voortgezet, maar wordt zo nodig aangepast naar aanleiding van de uitspraken van het Europees Hof.
 Het groen onderwijs zal op dezelfde wijze per deelnemer gefinancierd worden als het reguliere onderwijs.
Daar past bij dat het groen onderwijs als beleidsterrein wordt ondergebracht bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De kenmerkende hechte samenwerking tussen overheid, onderwijs en bedrijfsleven blijft gewaarborgd. De oude taakstelling van 10 miljoen euro op het groen onderwijs wordt teruggedraaid.
 Ter cofinanciering vanuit de overheid van een innovatieprogramma visserij wordt incidenteel 15 mln. euro beschikbaar gesteld.
Dit artikel afdrukken