Het snelle succes van Het Pioppi dieet van de Britse arts Aseem Malhotra en de filmmaker Donal O’Neill was eerlijk gezegd een beetje aan mij voorbijgegaan. Het was verrassend te zien wat een enorme stapels er ineens in de boekhandels lagen. Ouderwetse taferelen: een nieuw modedieet, gretig omarmd als nieuw evangelie door talloze lijners. Ik dacht dat die tijd van onnozelheid wel voorbij was.

Een van die stapels stond in boekhandel Paagman in Den Haag, om precies te zijn, waar ik 2 weken geleden was voor de presentatie van het nieuwe kookboek van Yvette van Boven, De Grote Oven van Van Boven. Hiske Versprille interviewde Yvette over alweer een heerlijk boek met simpele, doch fantasievolle en soms gedurfde ovenrecepten. Lekker onpretentieus kletsen over eten; oventemperaturen; waarom Engelsen meer met de oven werken; dat je altijd flink moet experimenteren in de keuken; waarom sommige dingen nooit lukken; enzovoort. Geen woord over lifestyle of afvallen, dat is ook weleens rustig.

Een exemplaar van Het Pioppi-dieet was al onderweg van uitgeverij Karakter, aangevraagd door de redactie. In afwachting van de postbezorging begon ik alvast een beetje te googelen en om het onderwerp heen te lezen. De cardioloog Aseem Malhotra ken ik als zeer uitgesproken verkondiger van nieuwe ideeën over voeding en gezondheid. In 4 woorden: tegen suiker, voor vet. Een dappere man, die de conventional wisdom van zijn vakbroeders durft te bestrijden en steun vindt bij een klein, doch groeiend aantal collega’s.

Più se spenne e pejo se magna, hoe meer je betaalt, hoe slechter je eet
Een ander eeuwig dorp
Het Pioppi-dieet. Prikkelende naam. Vraag 1: wie of wat is Pioppi? ‘Het dorp waar mensen vergeten te sterven’, las ik. Een Italiaanse dorpje aan de Middellandse Zee, onder Napels. Nooit van gehoord, terwijl ik toch elk jaar in Italië kom. Maar Italië is groot en heeft meer dorpjes waar de mensen pittoresk oud worden, schoot mij te binnen.

Toen ik 6 jaar geleden research deed voor mijn boek Eetsprookjes, voor hoofdstuk 8 ‘Een Mediterrane pastorale’, stuitte ik op een mooi boek van de Britse schrijfster Tracey Lawson, getiteld A Year in the Village of Eternity. Het betreffende dorp is Campodimele, gelegen in een bergachtig gebied in Lazio. Het dorp kreeg die bijnaam nadat het wetenschappers van de World Health Organization (WHO) was opgevallen dat de bewoners er opvallend oud werden. Lawson gaf Engelse les in Toscane en werkte als correspondent voor Britse media in Italië toen ze gefascineerd raakte door het leven in Campodimele. Ze verbleef er een jaar en schreef een liefdevol boek over de stokoude bewoners. Lees alleen de inleiding en je zegt: ik ga.

Lawson beschrijft een idylle, maar dan een bestaande. De gerechten die ze noemt zijn uit de cucina povera, de armeluiskeuken, gemaakt met de cibo genuino, het authentieke voedsel. Dit met in het achterhoofd het Romeinse gezegde: più se spenne e pejo se magna, hoe meer je betaalt, hoe slechter je eet.

Erg wetenschappelijk lijkt het niet, aanstekelijk is het wel
Blue zones
Het boek van Lawson was een bestseller, maar niet zo kolossaal als dat van Dan Buettner uit 2008, The Blue Zones. Lessons for Living Longer From the People Who've Lived The Longest. Wat zijn Blue Zones, Blauwe zones, en waarom leven de mensen daar zo lang? Wikipedia beschrijft het goed: “Als mogelijke verklaring wordt gewezen op het geïsoleerde karakter van veel blauwe zones, wat bevorderlijk was voor het behoud van een traditionele levensstijl met veel fysieke activiteit, hechte sociale banden en lokaal geproduceerde voeding.”

Buettner beschrijft in zijn boek 7 van die gemeenschappen, op Sardinië (met name Ogliastra en Barbagia di Seùlo), Acciaroli in Italië, de eilanden van Okinawa in Japan, een gemeenschap van zevendedagsadventisten in Loma Linda, Californië, het Nicoya-schiereiland in Costa Rica, het Griekse eiland Ikaria en Öland in Zuid-Småland en Noord-Oost-Skåne in Zweden.

Buettner vergeleek de leefwijzen in die gemeenschappen en destilleerde daar 9 overeenkomstige eigenschappen uit die bijdragen aan het lange leven van de bewoners. Het leverde een gemixt advies op over dieet, motivatie en sociaal gedrag. Erg wetenschappelijk lijkt het niet, aanstekelijk is het wel.

Dit zijn de 9 regels voor een lang leven:
1. ‘Move naturally’. Beweeg natuurlijk, of alledaags. Langlevenden lopen geen marathons en heffen geen gewichten, maar bewegen voldoende door hun dagelijkse bezigheden, waaronder wandelen en tuinieren.
2. ‘Purpose’. Een doel in het leven hebben, in ieder geval een reden om je bed uit te komen.
3. ‘Down shift’. Ontspan je en voorkom stress. Een middagdutje doen of dagelijks bidden voor je voorouders is al voldoende.
4. ‘80% rule’. Eet je niet helemaal vol. Eet na een lichte avondmaal niets meer.
5. ‘Plant Slant’. De oudjes eten veel bonen, erwten, linzen en soja en weinig vlees.
6. ‘Wine @5’. Per dag een paar glazen wijn is goed.
7. ‘Belong’. Ga naar de kerk, maakt niet uit welke.
8. ‘Loved Ones First’. De familie komt op de eerste plaats.
9. ‘Right Tribe’. Gezonde gewoontes zijn al door de voorouders in het sociale netwerk ingebracht, als het goed is.

In hun artikel uit 2013 ‘The Blue Zones: areas of exceptional longevity around the world’ diepen de onderzoekers Michel Poulain, Anne Herm en Gianni Pes de achtergronden van langlevendheid in Blue Zones verder uit. Zoiets verwacht ik van het Pioppi-avontuur van Malhotra. Acciaroli ligt om de hoek bij Pioppi. We komen in de buurt.

Goedkopig en onevenwichtig
Daar is de postbode. Ik begin een dergelijk boek altijd achterin. De literatuurlijst en het register verraden immers veel over de ernst van de zaak. Beide zijn hier bescheiden. In het register ontbreken de namen van Tracey Lawson en Dan Buettner. Zij worden in het boek niet genoemd, wat ik vreemd, zo niet verdacht vind, zeker gezien de wereldfaam van Buettner.

Een paar weken geen suiker eten kan inderdaad kilootjes schelen, maar wat Malhotra schrijft over suiker en fructose is goeddeels kletskoek
De achterste helft van het boek is gereserveerd voor recepten, lijstjes, een katern fantasieloze foto’s van borden eten en opsommingen van ingrediënten. De (grafische) verzorging is goedkopig en contrasteert fors met de pretentie van het boek. Het Pioppi-dieet wil namelijk niet minder dan een ‘zorgmanifest’ en een ‘lifestyle-interventie’ zijn en belooft de lezer dat hij of zij na 21 dagen een stuk gezonder is. Dat alles verkondigd op de overenthousiaste en popi toon die dit soort goeroe-boeken kenmerkt.

In wezen is het Pioppi-dieet een low carb-dieet gebaseerd op mediterrane eetgewoonten. Wat dat betreft is het oude wijn in nieuwe zakken. Nieuw zou je met enige goede wil Malhotra’s en O’Neills verwerping van de verzadigd-vet-en-cholesterol-dogma kunnen noemen. Wetenschappelijk is dat nog niet helemaal keihard, maar veel wijst erop dat vet uit vlees en zuivel weinig schade aan hart en bloedvaten doen. Die komen in een mediterraanachtig dieet toch al weinig voor. Het Pioppi-dieet behelst ook adviezen over hoe te leven, die sterk overeenkomen met wat Dan Buettner observeerde in de Blue Zones, zoals hierboven gemeld.

Echt smerige dingen
Een belangrijke poot onder het dieet is het verbod op suiker. Een paar weken geen suiker eten kan inderdaad kilootjes schelen, maar wat Malhotra schrijft over suiker en fructose is goeddeels kletskoek. Het Pioppi-dieet helpt je binnen 21 dagen van je suikerverslaving af. Dat is knap, want suikerverslaving bestaat strikt genomen niet. Ook overschat Malhotra (of is het betreffende hoofdstuk van de hand van O’Neill, dat is vaak onduidelijk) de werking van intermittent fasting hogelijk. Is allemaal niet heel erg wetenschappelijk, dokter.

Wat ook niet bestaat, is ‘alfa-linolzuur’ (p.55). Alfa-linoleenzuur bestaat wel. Verder zijn hele passages onbegrijpelijk, maar dat is vermoedelijk te wijten aan het werk van vertalers en redacteuren die niet precies wisten waar het over ging. Hoofdstuk 3 behandelt ‘bewerkte voeding’, maar bedoeld is sterk bewerkte voeding, of ultra-processed food. Dat is een wezenlijk verschil, als we tenminste uitgaan van de algemeen gehanteerde NOVA-Classification.

Aseem Malhotra is een belangrijke figuur in het nieuwe voedingsactivisme en verdient respect. Dat hij zijn opvattingen over voeding en gezondheid toegankelijk wil maken voor een groot publiek en dat koppelt aan tips en recepten, is natuurlijk prima. Maar het is jammer dat het met zo’n halfbakken boek moet
Het boek is een rommeltje, een onevenwichtige combinatie van best ingewikkelde theorie, plichtmatig opvulsel en irrelevante uitweidingen. Het wordt echt vreemd als we aan de recepten zijn toegekomen. Daar staat niet één gerecht tussen dat men vroeger of nu in Pioppi zou eten. Geen spoor van de cucina povera of de moderne, luxere Italiaanse keuken. Wel recepten voor steak met béarnaisesaus en geroosterde bimi, cottage pie met bloemkoolpuree, slawraps met pulled pork en zwoerd, kipschnitzel met zuurkool (wel een week wachten tot de zuurkool gefermenteerd is). Er staan echt smerige dingen in. Maar wel low carb!

Ancel Keys in Pioppi
Aseem Malhotra is een belangrijke figuur in het nieuwe voedingsactivisme en verdient respect. Dat hij zijn opvattingen over voeding en gezondheid toegankelijk wil maken voor een groot publiek en dat koppelt aan tips en recepten, is natuurlijk prima. Maar het is jammer dat het met zo’n halfbakken boek moet. Pioppi is er met de haren bijgesleept, het is een smoes. O’Neill heeft er een documentaire met Malhotra gedraaid, zo kwamen ze op het idee voor het boek.

Het klinkt lekker, Pioppi. Het refereert aan la dolce vita, aan vakantie. Afvallen en toch wijn mogen drinken op een terrasje aan het strand, dat is waar iedereen toch van droomt? Het de illusie die kennelijk nodig is om dit soort boeken te verkopen. Om lekker te eten kan je beter het boek van Yvette van Boven kopen. Of een kookboek over de ouderwetse Italiaanse keuken.

Het wonderlijke van de keuze om dit boek aan Pioppi op te hangen, is dat de Amerikaanse voedingswetenschapper Ancel Keys lang in de buurt van Pioppi heeft gewoond en gewerkt. Keys was de belangrijkste man achter de cholesterolhypothese, de opvatting dat verzadigd vet hartziekten veroorzaakt. Malhotra is een van de ferventste bestrijders van die hypothese, dat is op zijn minst ironisch te noemen.

Maar Keys heeft ook het mediterrane dieet op de kaart gezet in de voedingskunde. Hij schreef er met zijn vrouw boeken over en werd uiteindelijk 100. Of hij ook bloemkoolpizza met jerk-kip kreeg voorgezet in dat leuke trattoriaatje in Pioppi is niet waarschijnlijk.