De Rode Hoed in Amsterdam was goed gevuld met 220 bezoekers, waaronder zeker 30 boeren, vooral melkveehouders uit veenweidegebieden. 's Ochtends hadden D66 en GroenLinks hun voorstel gepresenteerd om het grondwaterpeil in die gebieden omhoog te brengen.

In 2050 komt de landbouw uit op een uitstoot van 9,27 megaton CO2, terwijl Nederland dan in zijn geheel nog maar 10 megaton aan emissieruimte heeft
We zitten aan een planetaire grens
Landschapsarchitect Dirk Sijmons werd in 2004 de eerste Rijksadviseur voor het Landschap. Hij praat mee aan klimaattafels en geeft advies op het gebied van landbouw en klimaat. Dankzij een ‘onvoorstelbare rekenpartij’ van anderen kon hij met veel cijfers de omvang van het probleem illustreren: “Als we doorgaan op de huidige weg, zijn we in 13 jaar door de hoeveelheid CO2 heen die we mogen uitstoten volgens de doelstellingen van Parijs.”

De landbouw is enorm groot geworden. Als je het gewicht van alle gewervelde landdieren op aarde optelt, dan bestaat 95% uit mensen en landbouwhuisdieren en slechts 5% uit wilde dieren. Van alles wat de vegetatie op onze planeet produceert, is 24% direct of indirect voor menselijke consumptie. “We zitten aan een planetaire grens.”

Het is volgens hem van grote invloed dat de regering volgens het regeerakkoord de voorkeur geeft aan technische maatregelen boven volumemaatregelen om landbouwproblemen aan te pakken. Wanneer alle denkbare technieken worden toepast, kan Nederland de doelen van 2030 nog wel halen. Maar in 2050 komt de landbouw uit op een uitstoot van 9,27 megaton CO2, terwijl Nederland dan in zijn geheel nog maar 10 megaton aan emissieruimte heeft. “De olifant in de kamer is de omvang van de veestapel.”

De energietransitie zal volgens Sijmons grote gevolgen hebben voor het landelijk gebied. Het saldo van een zonnepark is €21.000 per hectare. Een goed salderend gewas als aardappels levert slechts €9.000 op. Gaan enkele ‘bingo-boeren’ daarvan profiteren? Er is een gebiedsgerichte aanpak nodig om zonneparken te reguleren en maatregelen te ontwikkelen die CO2-aanpak combineren met verdienmodellen én met biodiversiteit en waterkwaliteit.

Het saldo van een zonnepark is €21.000 per hectare. Een goed salderend gewas als aardappels levert slechts €9.000 op
“Dit is niet míjn idee”, verduidelijkt hij na een vraag uit de zaal of zonneakkers in Nederland wel zo gewenst zijn. “Maar ik zie dat het rendabeler is om energie te oogsten in plaats van voedsel.”

Een melkveehouder vraagt zich af waar hij heen moet, als in Nederland geen plek meer is. Bovendien is, meent hij, zijn CO2 footprint veel kleiner dan de CO2 footprint van boeren in het buitenland. Volgens Sijmons gaat die vergelijking niet op, want hij moet zich vergelijken met de beste boeren uit andere landen, niet met de gemiddelden.

Van plus 2 naar min 3 meter
Gilles Erkens, geoloog bij het gezaghebbende onderzoeksinstituut Deltares, heeft als bijnamen ‘Mister bodemdaling’ en ‘de zakspecialist’. Zijn openingsplaatje schetst het probleem: een weiland met daarnaast een vaart die meters hoger ligt. “Vroeger lag het land hoger dan het kanaal.”

Zijn openingsplaatje schetst het probleem: een weiland met daarnaast een vaart die meters hoger ligt
In duizend jaar zijn we van plus twee naar min drie meter gezakt, omdat we veengebieden gingen ontginnen. “Veel mensen hebben het gevoel dat die bodemdaling na 1000 jaar wel eens ophoudt, maar dat is niet zo.” Prognoses tonen dat daling in een zorgelijk tempo doorgaat. Daar komt bij, dat de nieuwste zeespiegelstijgingsprognoses ernstig zijn.

De kosten zijn bovendien gigantisch. Tot 2050 is er €16 miljard nodig om schade aan funderingen van huizen te herstellen en €6 miljard voor het herstel van infrastructuur. We moeten anders gaan bouwen en maatregelen nemen die bodemdaling tegengaan. Bij het onderzoek ‘Omhoog met het veen’ bleek dat bodemdaling te stoppen is en dat veen zelfs opnieuw kan aangroeien. Maar er is nog veel meer onderzoek is nodig. Het ontwikkelen van moerasnatuur en natte teelten is een mogelijkheid, maar hoeveel methaan komt er dan vrij? Die kennis ontbreekt.


vlnr: Erkens, Hoogendoorn, Sijmons, Niezen (M. Wijnbergh)


In de afgelopen duizend jaar hebben we ons altijd aangepast door hogere dijken te bouwen en steeds meer te bemalen. We hebben nooit geprobeerd de bodemdaling te stoppen. “We zitten vast in één manier van denken”, zegt Erkens, “een lock-in”. Om daar uit te komen is veel kennis nodig. “En bestuurders met stevige knieën op slappe bodem.”

De bodem daalt sneller dan de zeespiegel stijgt
Wereldkampioen dweilen met de kraan open
Hilde Niezen is wethouder in de gemeente Gouda, waar gevels en straten verzakken en de schade aan funderingen en rioleringen enorm is. “We zijn wereldkampioen dweilen met de kraan open”, vertelt ze bij een plaatje dat allerlei herstelwerkzaamheden toont.

Wat ook op een wedstrijd lijkt: de bodem daalt sneller dan de zeespiegel stijgt. En de opwarming van de aarde versterkt zowel de afbraak van veen (dus de bodemdaling) als de zeespiegelstijging. Voor de aanpak van dit probleem zijn alle partijen uit de polder nodig. Boeren moeten niet als zondebok worden gezien, maar als belanghebbenden aan de tafel. Wel kun je erover nadenken in hoeverre het wenselijk is dat Nederlandse boeren melkpoeder produceren voor de Chinese markt.

Het Rijk moet veel meer een regiefunctie nemen. Nu zijn vijf ministeries hierbij betrokken. “Er zou een minister van bodemdaling moeten komen”, stelt Niezen. “Het Rijk zou ik nu typeren als een geldschieter die maar moeilijk uitbetaalt.”

Er zou een minister van bodemdaling moeten komen
Een melkveehouder in de zaal wil niet zich niet zomaar overgeven aan Sijmons' eerdere opmerking over omvang van de veestapel als olifant in de kamer. Voedsel blijft nodig, stelt hij. Schieten we ons niet in de voet als we de veestapel verkleinen?

Verknocht aan het veen
Melkveehouder Sjaak Hogendoorn ziet een nieuw tv-programma voor zich: Heel Holland zakt, met ‘de zakspecialist’ in de jury. Zijn bedrijf ligt in Ilpendam, op een kwartier afstand van Amsterdam Centraal. “Dat is uniek in de wereld. Ik ben verknocht aan de veengrond vanwege de unieke natuur en het typisch Hollandse landschap.”

Als voorzitter van de agrarische natuurvereniging Water, Land & Dijken is hij nauw betrokken bij het Innovatieprogramma Veen, dat met praktische experimenten op zoek is naar oplossingen die economisch rendabel zijn. Ze onderzoeken natte teelten en de toepassing van onderwaterdrains. Lisdodde (rietsigaar) biedt mogelijkheden voor toepassing in plaatmaterialen en isolatie. Azolla (kroosvaren) bevat hoogwaardig eiwit dat interessant is voor veevoer en misschien straks in een plantaardige hamburger. De eerste aanplant in 2018 kampte nog wel met kinderziektes. De lisdodde bleek favoriet bij fouragerende ganzen. De Azolla kreeg last van een ziekte er zakte naar de bodem. De resultaten van de experimenten met drains die het veen bij droogte nat houden en bij regen water afvoeren, zagen er positief uit. “Hiermee willen we 80 tot 90% reductie van de bodemdaling bereiken.”

Dat er veel boeren in de zaal zitten, geeft wel aan dat er iets aan de hand is, zegt Hoogendoorn. “De toekomst van de melkveehouderij staat op het spel.” Het probleem moet niet alleen naar de boeren geschoven worden. Ja, de veestapel mag best wat krimpen, maar er lopen al een half miljoen minder koeien in Nederland dan in 1980. Toch durft hij te stellen dat vernatting in de landbouw moet. Ook vindt hij dat boeren het gesprek over vermindering van de veestapel moeten aangaan. Maar boeren verzorgen wel het iconische Hollandse landschap en dat moet behouden blijven. “Stuur boeren niet met een kluitje in de lisdodde.” Met een sfeervol plaatje sluit hij zijn verhaal af, een koe in de ochtendmist met een prachtig opkomende zon: “Is dit de nieuwe veehouderij die het licht ziet? Of is dit de laatste koe die het licht uit doet?”

De volgende avond in de debatserie 'It's the Food, my Friend! is op maandag 18 maart en gaat over de prijsvorming op de grondmarkt en hoe kostbare hectares jonge boeren doet twijfelen om de bedrijven van hun ouders voort te zetten. Kaarten via rodehoed.nl