Een van de meest opvallende verschillen in het boerenlandschap tussen Nederland en Frankrijk die ik heb waargenomen is de curve. Bochtige wegen, slingerende waterwegen en kromme hekpaaltjes.

In Nederland zijn sloten recht (dankzij het werk van mijn vader en de Heidemij in de jaren '60, en de landbouwpolitiek van Mantsholt een decennium daarvoor, met de naoorlogse intentie van 'geen honger en geen armoede' in het achterhoofd), zijn wegen recht, ligt asfalt recht, zijn de paaltjes rondom de velden uniform, zijn boerenpercelen ruim en vierkant, zonder moeilijke hoekjes of bomen die machines of zonlicht blokkeren. En natuurlijk is het allemaal plat!

Niet zo efficiënt maar twee keer zo mooi
In Vlaanderen - ook nog plat - zijn de wegen minder recht en is het wegdek vaak verschrikkelijk. De percelen zijn een mix van groot en klein. En geleidelijk aan maakt in Noord-Frankrijk (Picardie) het vlakke, ruime landschap plaats voor bochtige wegen, kronkelige heggen en paaltjes van kastanjehout, van een ruwweg in twee of meer delen gespleten stam. Niet zo efficiënt maar twee keer zo mooi.

Efficiëntiebeslissingen zijn berekeningen. Nederlanders (ook boeren) lijken zich te laten leiden door getallen; de Fransen door 'joie de vivre'. Vergelijk een boterham voor de lunch maar met een 3-gangenmaaltijd met wijn. Maar terwijl Frankrijk bekend staat als een agrarisch land, produceert het kleine Nederland meer.

Het landschap in het zuiden van Picardië en Normandië is prachtig. Heggen zijn niet alleen een zegen voor een fietser in de wind, maar ook duidelijk een plek voor vogels, insecten en andere dieren. Maar wel veel werk om te onderhouden! Bouwland en grasland met af en toe een oude boom zijn niet zo efficiënt als de Nederlandse 'biljartlakens', maar een genot voor het oog en een thuis voor biodiversiteit. Het is overduidelijk dat er in deze landschappen meer vogels zijn (ik zou willen dat ik hun namen wist...) dan in de rechtlijnig herverkavelde landschappen.

Peter Erik Ywema

Ja, de inkomsten zijn beter, maar is het werk lonender? Word je werkelijk gelukkig van getallen?
Efficiëntie heeft een prijs, en we zijn ons daar meestal niet van bewust. Ja, de inkomsten zijn beter, maar is het werk lonender? Word je werkelijk gelukkig van getallen? Wat is efficiëntie versus het verhaal dat de tractorsporen vertellen die om een boom in het midden van het veld buigen? Voel het verschil tussen de boer die een stuk aan zijn machine vastlast omdat hij niet tevreden was over de afmeting en omdat hij het zelf kon ontwerpen en doen, en degene die een machine bestelt uit een catalogus en daar een banklening voor sluit. En hoe efficiënt is om het landschap of de bodem in stand te houden met grote machines, veel brandstof en kunstmest, en vrij van' concurrerende natuur'? Alle boeren met wie ik heb gesproken, praten met hartstocht over hun land. Hun ideeën zijn veranderd, zeggen ze. Het is niet langer alleen maar een 'container voor wortels', die moet worden schoongemaakt van ziekten en af en toe bemest, maar een levend goed dat moet worden gekoesterd en waarbij de 'rommelige' natuur helpt om veerkracht te creëren. Naarmate ik verder naar het zuiden afzakte, zag ik steeds meer groenbemesters en minder braakliggende grond.

Efficiëntie heeft welvaart gebracht, maar het is nooit genoeg en zal uiteindelijk alleen maar de prijs doen dalen. Voor de bankrekening is het een tijdje tevredenstemmend, maar efficiëntie holt ook plezier, trots en eigenwaarde uit, juist de aantrekkelijke elementen van een boerenleven. En zullen de sterk bekritiseerde subsidies helpen? Ik betwijfel het, als ik de cijfers van een van de boeren hoor. Dat geld verhoogt alleen maar de prijzen van een hectare grond en komt ten goede aan de grondeigenaar (misschien een boer, maar niet altijd).

Een betere prijs voor landbouwproducten of betere praktijken zou veel beter zijn. Een deel van de vreugde die biologische boeren beschrijven, is te danken aan een redelijke prijs, maar vooral schrijven ze die toe aan het feit dat ze meer eigenaarschap nemen over de manier waarop ze produceren. En ja, meestal met meer arbeid, energie en een lager rendement per hectare.