"Unilever wordt geprezen als onbetwiste duurzaamheidskampioen. Dat is vooral gebaseerd op papieren prestaties, blijkt uit onderzoek van Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico en De Groene Amsterdammer. Op palmolieplantages in Indonesië wordt nog steeds regenwoud vernietigd en kinderarbeid gebruikt voor Unilevers ‘duurzame palmolie’. Ook de duurzame worteltjes in een blik Unox-soep blijken niet of nauwelijks duurzamer dan worteltjes van de Albert Heijn.

De winst verdubbelen en tegelijkertijd de planeet redden, dat kan volgens topman Polman. Maar alleen zolang Unilever zelf mag bepalen wat ‘duurzaamheid’ inhoudt. Cosmeticamerk Dove is volgens moederbedrijf Unilever een ‘duurzaam voorbeeldmerk’. Niet alleen omdat de deodorant kleinere verpakkingen heeft, maar ook omdat Dove tienermeisjes ‘zelfvertrouwen’ geeft. Unilevers duurzaamheidsmythe blijft intact door innige samenwerking met ngo’s, overheden en de media. Die in hun enthousiasme voor Unilevers ambitie hun controlerende taak verwaarlozen."

Die woorden vallen te lezen als inleiding op een lang artikel in de Groene Amsterdammer. Terwijl iedereen Polmans Unilever prijst, ontstaat de indruk dat NGO's, met name WWF en Solidaridad, een fout bedrijf omarmen. Nee, het staat er niet hard. Het blijft vaag.

Het bedrijf maakt als het ware op een nette manier vuile handen. Daar zit dan ook het cruciale punt niet
Wat groener of heel anders?
In het stuk worden Drees-Peter van den Bosch, ex-medewerker van Unilever en nu directeur van Willem & Drees en Beebox en Jan-Kees Vis, verantwoordelijk voor de inkoopnormen van Unilever, genoemd. Precies die passages laten zien waar de discussie om draait. Vis en Unilever omarmden al heel vroeg het People, Planet, Profit-beginsel van John Elkington, de theoreticus van de groene groei. Volgens Van den Bosch schiet dat niet op. Er moet sneller meer gebeuren. Wat hem betreft zijn zijn bedrijven daar uiteraard een voorbeeld van.

Unilever kiest voor het verkopen van zeep in éénpersoonsverpakkingen in India en het blijven exploiteren van palmolie en theeplantages op manieren die nog steeds niet helemaal OK zijn, maar waar het bedrijf wel degelijk meer bereikt dan de wereldgemeenschap of lokale overheden ooit zouden realiseren. Het bedrijf maakt als het ware op een nette manier vuile handen: het begint te doen, wat anderen lieten liggen. Daar zit dan ook het cruciale punt niet.

De echte vraag is wat we willen: welvaart zoals we die kennen, maar dan wat groener of een heel andere wereld? De grote NGO's kiezen met Elkington voor de eerste optie. De echte vraag is waarom ze niet voor de keuze van Van den Bosch gaan. Van den Bosch noemt Unilever overigens een 'mooi bedrijf'. Dat vind ik ook. Vis sprak ik meerdere malen. Hij weet meer te realiseren dan menig minister in Den Haag en is bloedserieus.

Unilever-duurzaamheid hoort bij een wereld die denkt dat we alles kunnen houden wat we hebben
Naar andere planeten
Op vrijdag 31 maart organiseert de Groene in het Amsterdamse Pakhuis De Zwijger een thema-avond over de samenwerking tussen NGO's en bedrijven. Afgevaardigden van Solidaridad, Milieudefensie en Unilever doen eraan mee. Je kunt hier reserveren als je er bij wilt zijn. Het is de moeite waard vanwege de verkeerde vraagstelling. De eigenlijke is een taboe en gaat over duurzaam consumentisme. Consumentisme is gebaseerd op efficiency. Het betekent grondstoffen vanuit de hele wereld naar een beperkt aantal centrale plekken verslepen, ze daar verwerken en weer over de hele wereld verhandelen op een zodanige manier dat die het betaalbaarst mogelijke product voor zoveel mogelijk mensen oplevert. Daarmee kun je immers een maximaal aantal mensen blij maken omdat ze het kunnen kopen, hoewel ze natuurlijk ook met veel minder kunnen overleven maar dan wel veel armoediger moeten leven.

Unilever-duurzaamheid hoort bij een wereld die denkt dat we alles kunnen houden wat we hebben en dat we nog wat meer mensen met onze levensstijl blij kunnen maken, als we maar wat 'duurzamer' doen. Op grote schaal maakt dat best veel uit. Dat het niet genoeg is, laat bijvoorbeeld Elon Musk van de duurzame auto- en batterijenmaker Tesla zien. Hij wil vliegen naar andere planeten en daar het leven en de exploitatie van die planeten mogelijk maken. Daar wordt openlijk over geschreven en gesproken. Slechts weinigen realiseren zich dat het serieuze noodzaak is als we zo doorgaan. Dat wordt dus schrikken de 31e in Amsterdam.