Cécile Janssen
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Orca's (orcinus orca), in het Engels killer whales, gedijen uitstekend ter hoogte van Alaska. Hun groeiende aantallen lijken de oorzaak van het verdwijnen van grote chinookzalmen. Dat vermoedt Jan Ohlberger, wetenschapper aan de University of Washington tenminste.

Ohlberger houdt zich bezig met de 'krimpende' chinookzalmen van de laatste decennia. Al sinds de jaren '80 is bekend dat zalmen steeds kleiner worden, als gevolg van een eeuw lang dammen bouwen, overbevissing, verlies van habitat en verdringing door kweekzalm, schrijft NPR. De afgelopen 15 jaar is het tempo waarin de zalmen kleiner worden alleen nog maar versneld, ondanks het feit dat er minder dammen gebouwd worden en dat we minder zijn gaan vissen. Dat beschrijft Ohlberger in een nieuwe studie die werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Fish and Fisheries.

Sinds het midden van de jaren '70 is wat de orca's aan zalm eten verdubbeld, terwijl de visvangst met een derde teruggelopen is
Een gemiddelde chinookzalm leeft vijf of 6 jaar in de oceaan, na eerder 2 jaar in zoet water doorgebracht te hebben. Daarna komt hij weer terug naar zijn geboortegrond om daar te paren. Ohlberger constateert dat de oudere en dus grotere vissen 'verdwenen' zijn. Het zijn de jongere vissen die terugkomen naar de paaigronden. En als het niet de mens is die de grootste chinookzalmen vangt en opeet, dan blijft er nog maar één andere top-predator over: de orca. Naar schatting eten de 2.300 orca's in de de Noordoostelijke Stille Oceaan jaarlijk zo'n 9 miljoen kilo chinookzalm - de grootste en vetste vis die er rondzwemt. Dat is ongeveer evenveel als de commerciële visvangst binnenhaalt. Sinds het midden van de jaren '70 is wat de orca's aan zalm eten verdubbeld, terwijl de visvangst met een derde teruggelopen is.

"Het is een interessante 'twist' om de zeezoogdieren de schuld te geven," zegt Ken Balcomb van het Amerikaanse Centrum voor Walvisonderzoek, die verder niet bij het onderzoek betrokken was. "Ik zou eerst willen weten hoe de chinookzalm in de afgelopen 12.000 jaar zo groot heeft kunnen worden, in de aanwezigheid van hele horden aan predatoren die het juist voorzien hadden op de grootste exemplaren. Ondanks die natuurlijke vijanden heeft Moeder Natuur de Chinook met die uitzonderlijke grootte bedeeld." Ook Balcomb wijst op overbevissing, verlies van habitat en zalmkwekerijen die het genenreservoir van de wilde chinook hebben verdund als oorzaken voor de krimpende chinookzalm. Hij vult nog aan dat de kleinere chinookzalm minder eitjes legt dan de grote, en dat het hen meer moeite kost diepe 'gravelnesten' te graven, waarin de eitjes veilig zijn in het snelstromende water. Hoe dan ook, de krimpende chinookzalm gaat ál zijn predatoren voor problemen stellen, of ze nu vingers of vinnen hebben. "Als het puntje bij het paaltje komt, moeten de walvissen eten om te overleven. De mens heeft dat gewoon niet voldoende voorzien in zijn visserijbeheer-sommetjes".

June Hogs chinookzalm
Dit artikel afdrukken