Donderdag 8 maart vond in Rotterdam het eerste Nationale Obesitas Symposium plaats, op initiatief van het Centrum Gezond Gewicht. Een 'groeiend probleem', noemde mede-initiator Liesbeth van Rossum, hoogleraar obesitas en stress, het in de vooraankondiging. Dat het thema op veel belangstelling kan rekenen, bleek wel uit de uitverkochte zaal vol internisten, chirurgen, huisartsen, verpleegkundigen en diëtisten, maar ook mensen uit de foodretail, voedingsindustrie en beleidskringen.

Het zwaartepunt van het symposium lag bij 'Het Grote Obesitas Debat'. Nestlé, Albert Heijn, Voedingscentrum en JOGG maakten duidelijk dat iedereen hetzelfde wil bereiken en daar op zijn eigen manier aan werkt. Martine Olijslagers, directeur chocolade bij Nestlé, vertelde over de caloriereductie in haar producten. “In de afgelopen 5 jaar is de hoeveelheid suiker in chocola met 8,8% verminderd en we doen veel onderzoek naar hoe dat nog beter kan. We hebben nu de zogenoemde ‘holle suikers’ ontwikkeld. Dat zijn suikers die net zo zoet zijn als gewone suiker, maar 40% minder calorieën bevatten. We hebben daar 30 miljoen in geïnvesteerd, dat is meer dan het budget aan marketing”. Ook op het niveau van marketing onderneemt Nestlé stappen. “We doen niet aan kindermarketing, hebben onze producten hoger in de schappen zodat ze niet op ooghoogte voor kinderen liggen en we doen geen prijsacties als 2 voor de prijs van 1 meer. En wat mij betreft zou het allemaal nog veel sneller mogen gaan, maar dat lukt nou eenmaal niet.”

Tijd om op te staan
Jasper Lok, beleidsmedewerker van het ministerie van VWS, vroeg vooral om input vanuit de zaal en de debaters. “Voor de zomer moet het nieuwe preventie-akkoord klaar zijn en we willen graag van zoveel mogelijk partijen input voor dat akkoord. Dit akkoord moet niet vrijblijvend zijn, maar met concrete maatregelen komen. De gecombineerde leefstijlinterventie komt ‘zo goed als zeker’ in de basisverzekering, dat is een eerste stap. Dit is het moment voor beroepsverenigingen, beroepsgroepen, gemeentes en zorgverzekeraars om zich te laten horen.” Beleid moet van de markt komen, zo blijkt.

De organisatie had het voor elkaar gekregen om allerlei verschillende partijen om te tafel te krijgen, die met elkaar moeten samenwerken om obesitas aan te pakken. Iedere partij kreeg de kans om de eigen visie op het probleem van overgewicht te presenteren. Belangrijke knelpunten kwamen daarbij op tafel, bijvoorbeeld dat er wel een protocol voor obesitas is bij de huisartsen, maar dat ze er niet goed mee uit de voeten kunnen. Obesitas zelf zien veel artsen nog niet als (chronische) ziekte, waardoor de behandeling zich vooral richt op de gevolgen van obesitas, maar de basis van het probleem niet wordt aangepakt. Ook de rol van de overheid kwam ter sprake, waarbij Lok benadrukte dat gemeentes het voortouw moeten nemen omdat die veel meer kunnen bereiken dan de rijksoverheid. Dergelijke issues werden benoemd, maar tot concrete afspraken of actiepunten kwam het in dit debat niet.

Complexiteit, kinderen en intervaltraining
Het symposium wilde vooral tot concrete adviezen komen voor zorgverleners die met obesitas overspoeld worden. Nieuwe wetenschappelijke inzichten moesten hen helpen. Zo vertelde Liesbeth van Rossum over de rol die hormonen, medicatie, slaap en talloze andere factoren spelen bij obesitas. Hoogleraar Jeugd en Gezondheid Mai Chin A Paw gaf het publiek als belangrijkste tip mee meer naar kinderen te luisteren. “Als je een interventie voor kinderen bedenkt, vraag dan alsjeblieft kinderen wat ze vinden en wat ze denken. Zij zijn de experts.” Dit illustreerde ze aan de hand van een voorbeeld naar het zitgedrag van kinderen. “De volwassenen die hierbij betrokken waren, kwamen tot 25 redenen waarom kinderen veel zitten. Toen we kinderen hiernaar vroegen kwamen ze met wel 50 redenen. En wat gaven zij aan als belangrijkste reden? Ze zitten zoveel omdat het moet. Op school, in de auto, het wordt ze op allerlei plaatsen opgelegd om te zitten.”

Marjolein Streur
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Toen we kinderen hiernaar vroegen kwamen ze met wel 50 redenen. En wat gaven zij aan als belangrijkste reden? Ze zitten zoveel omdat het moet. Op school, in de auto, het wordt ze op allerlei plaatsen opgelegd om te zitten
Inspanningsfysioloog Jeroen Molinger demonstreerde aan de hand van recente onderzoeken dat mensen helemaal niet lang intensief hoeven te sporten om fit te worden. Hoog Intensieve Interval Training (HIIT) en Sprint Interval Training (SIT) zijn veelbelovende trainingsmethodes om fitter te worden. “Sprint Interval Training duurt maar 90 seconden en heeft evenveel positieve invloed op je lichaam als een half uur hardlopen en is veel minder belastend”.
Aart Jan van der Lelij, hoofd sector Endocrinologie en Interne Geneeskunde bij het ErasmusMC betoogde dat kanker niet zozeer een foutje bij de mutaties is, maar eerder een stofwisselingsziekte. “Bijna al het onderzoeksgeld gaat naar de invloed van de genen op het ontwikkelen van kanker, maar we ontwikkelen allemaal mutaties als we ouder worden. Er zijn veel aanwijzingen dat we kanker krijgen door omgevingsfactoren. Ons Westerse dieet met teveel calorieën en koolhydraten lijkt boosdoener nummer 1 te zijn. Mensen zijn geen koolhydraateters. Wij zijn van oorsprong eiwit- en vet-eters. Ons lichaam kan niet overweg met grote hoeveelheden fructose. Dat is waar we naar moeten kijken en waar we mee aan de slag moeten.”

Inderdaad gaf iedere spreker duidelijke take-home-messages om in de praktijk mee aan de slag te gaan, maar het bleef beperkt tot de praktijk van de individuele zorgverlener. Over het aanpakken van de bekende obesogene inrichting van de samenleving, kwam het nog niet tot verdere ideeën. Jammer, want ondanks gloedvolle oproepen en zelfs heuse plannen, neemt die kwalijke inrichting van de openbare ruimte vol snoepeten en fastfood alleen maar toe. Misschien lukt het tijdens het volgende congres in 2019 om daar wat duidelijker over te zijn. Artsen zoals bijvoorbeeld de Brabantse reumatoloog Richard Verheesen vinden het daar al jaren de hoogste tijd voor.

Aan het eind van de dag twitte initiatiefnemer Liesbeth van Rossum niettemin vol enthousiasme over het symposium "vol wetenschappelijke inzichten om obesitas in praktijk effectiever aan te pakken".

Waarop de kritische Renato Rauwer antwoordde:



Volgens Van Rossum worden allang bekende ideeën nog niet voldoende gebruikt en is ook daar winst mee te behalen in de strijd tegen overgewicht en de welvaartsziekten die er het gevolg van zijn:


Dit artikel afdrukken