Een van de brandende kwesties in de voedingskunde is hoe suiker schadelijk is. Is suiker alleen maar extra calorieën die bijdragen aan obesitas, de echte oorzaak van de welvaartsziekten? Of heeft suiker een ziekmakend effect op het lichaam? Daar is veel over te doen, ook op Foodlog.

Het eerste is in ieder geval duidelijk. Suiker draagt bij aan de overmaat aan calorieën die we binnenkrijgen en waarvan we dik worden. En wie dik is, loopt kans ziek te worden. De grote suikerconsumptie is een van de plagen van het moderne leven. Veel landen voerden al maatregelen in om de suikerconsumptie te beperken.

Nu roepen ook Amerikaanse kinderartsen om een landelijke sugartax, bericht CBS. De gemiddelde Amerikaanse jongere drinkt per jaar een badkuip suikerhoudende drank leeg en haalt 17% van de dagelijkse energie uit suiker, waar dat volgens de huidige aanbevelingen hooguit 10% mag zijn.

Minder suiker in het eten en drinken remt de groei van sommige soorten tumoren. Maar veroorzaakt suiker ook kanker?
Grootverbruikers
De tweede optie begint ook langzamerhand vaste voet aan de grond te krijgen. Suiker veroorzaakt leververvetting, hartkwalen en vermoedelijk ook darmkanker. Vooral grootverbruikers van suiker lopen een groot risico op deze kwalen. Een geringe hoeveelheid suiker kan een gezond mens prima verwerken, maar te veel wordt schadelijk. Zelfs heel jonge grootverbruikers krijgen leververvetting, hetgeen tot ernstige leverziekten kan leiden. Dat is onder kinderartsen wereldwijd een grote zorg.

Of suiker kanker veroorzaakt, is voor vele gezondheidsliefhebbers geen vraag meer. Kijk maar even op internet. Maar welk mechanisme daar aan ten grondslag ligt, is nog niet ontraadseld. Kankercellen voeden zich met suiker, dat is al sinds 1924 bekend. Het Warburg-effect is genoemd naar de ontdekker van dit mechanisme van glucosemetabolisme in tumoren. Belgische onderzoekers ontdekten enkele jaren geleden hoe dat werkt.

Huib Stam
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Cantley
Gewone cellen voeden zich ook met de glucose uit suiker, want dat is normale brandstof. Een dieet met zeer weinig koolhydraten (en dus weinig glucose), zoals het keto-dieet, vertraagt de groei van kankercellen, dat is aangetoond. Minder suiker in het eten en drinken remt de groei van sommige soorten tumoren. Maar veroorzaakt suiker ook kanker?

Ja, zegt een onderzoeksgroep rond Lewis Cantley, de Amerikaanse kankeronderzoeker die sinds de jaren '80 zoekt naar mechanismen in kankercellen die de groei versnellen. Hij volgde in het bijzonder de weg die glucose aflegt in het celmetabolisme. Kankercellen hebben de koolstofketens van glucose nodig voor hun bouw. Daar publiceerde Cantley geregeld en overtuigend over.

Het meest recente onderzoek uit Cantleys school is uitgevoerd door Amerikaanse wetenschappers, in samenwerking met een aantal Zwitserse en Koreaanse collega’s. Het heeft aan het licht gebracht, via meerdere nauwkeurig uitgevoerde experimenten met muizen, hoe suiker darmkankercellen aanzet tot groei. De centrale en kwalijke rol in dat proces is weggelegd voor fructose.

HFCS
Daarmee is de verdachte rol van fructose uit frisdrank weer bevestigd. Het onderzoek werd uitgevoerd met muizen die genetisch zo gemanipuleerd waren, dat ze gevoelig waren voor darmkanker. Ze kregen frisdrank gevoerd, dat gezoet was met HFCS, high fructose corn syrup. Dat is de zoetstof die in vrijwel alle frisdranken zit die in de Verenigde Staten verkocht worden. Het is chemisch hetzelfde als suiker, sucrose, dat ook een mengeling van glucose en fructose is. In de natuurlijke sucrose-dubbelmolecuul zitten een molecuul glucose en een molecuul fructose licht aan elkaar verbonden. HFCS is een mix van uit mais gewonnen glucose en fructose. Het wordt zoveel in de VS gebruikt omdat het goedkoper en gemakkelijker te produceren is dan riet- of bietsuiker.

Het transportmolecuul GLUT-5 in de dunne darm brengt fructose uit de voeding in de bloedsomloop. Maar het lichaam heeft een beperkte opnamecapaciteit voor fructose. Als er teveel fructose is, kan dat niet geabsorbeerd worden en wordt het met de andere restanten van de voeding meegevoerd naar de dikke darm. Daar komt het in aanraking met de epitheelcellen, de cellen in de darmwand, die gevoelig zijn voor ontstekingen, poliepen en tumoren.

Zelfs bij matige hoeveelheden verergerden glucose en fructose de groei van darmtumoren
Tumorcel
Glucose komt via een ander pad in de bloedsomloop en in de tumorcel. Daar strijden glucose en fructose als het ware om voorrang om gebruikt te worden als brandstof. De aanwezigheid van veel glucose verhindert dat fructose opgeknipt wordt in handzame stukken die verbrand kunnen worden. De onverbrande fructose en glucose worden omgezet in lange vetzuurketens in het de novo lipogenese-traject: suiker wordt omgezet in vet. De vetzuurketens dienen als bouwstenen voor nieuwe wanden van tumorcellen, die snel kunnen groeien.

In de woorden van de onderzoekers: “In de tumorcel wordt fructose omgezet in fructose-1-fosfaat, hetgeen de glycolyse en de synthese van vetzuren activeert, wat de groei van de tumor stimuleert.” Dat proces konden de onderzoekers volgen door de koolstofisotopen in glucose en fructose te merken. Ze zagen ook dat de tumorcellen de glucose en fructose zelf uit de bloedbaan opnemen voor hun groei.

Overdreven
Een belangrijk gegeven is dat de muizen in het onderzoek geen overdreven hoeveelheden fructose kregen, maar een dagelijkse portie die te vergelijken is met een blikje frisdrank per dag voor een mens. Ook waren de muizen niet obees, dus de tumorgroei was geen gevolg van het te dik zijn. Eerder onderzoek naar leververvetting bij muizen was vaak ongeloofwaardig omdat de beestjes onrealistische hoeveelheden fructose te verstouwen kregen. Dat was hier niet aan de hand. Zelfs bij matige hoeveelheden verergerden glucose en fructose de groei van darmtumoren.

Maar het blijven muizen. De laatste zin van het onderzoek luidt: “Of deze bevindingen geëxtrapoleerd kunnen worden naar mensen vereist meer onderzoek.”

Geloofwaardig, experimenteel onderzoek in gecontroleerde situaties met een flinke hoeveelheid genetisch geselecteerde proefpersonen zal er waarschijnlijk nooit van komen. Dus we moeten het voorlopig doen met de muisjes. En met de expertise van Cantley en de zijnen.
Dit artikel afdrukken