Waar vroeger rond elke hectare akkerlandbouwgrond een paar meter struikgewas stond, met bomen, bramen, meidoorns en ander moois, daar verbouwt de boer nu ook graan, mais, winterpeen en aardappelen.

Deze verdwenen akkerranden hebben in De man op de dijk, Het grenzeloze verhaal van de grauwe kiekendief van Elvira Werkman een eigen hoofdrol. Bijna elk hoofdstuk komen ze ter sprake. Het boek is een ode aan vogelbeschermer Ben Koks. Hij veroorzaakte de afgelopen 25 jaar een ommekeer in het denken over vogelbescherming en natuurbeheer. Het boek beschrijft dat het wegploegen, ontmantelen en vervolgens in cultuur brengen van al die verloren hoekjes op de Nederlandse akkers een van de oorzaken voor de afname van de vogelstanden is.

Juist in deze hoekjes met struikgewas nestelden van oudsher tientallen soorten zangvogels zoals geelgorzen, grasmussen en leeuweriken. Aan de ene kant zorgen veel van deze vogels dat schadelijke insectenplagen worden gedecimeerd. Minder akkerranden betekent minder vogels, minder vogels meer insecten, en dus wordt er meer gespoten. En aan de andere kant zijn de zangvogels weer voedsel voor de vele verschillende soorten roofvogels die we kennen op het platteland, zoals de grauwe kiekendief. Minder struikgewas betekent ook minder roofvogels.

Minder struikgewas betekent ook minder roofvogels
Tientallen gesprekken
Ben Koks voerde tientallen gesprekken met akkerbouwers in de Noordelijke provincies om juist die overgebleven stukjes groen te behouden. Je hoeft dan minder te spuiten, de vogels zijn je vrienden, en je draagt bij aan een milieuvriendelijker landbouw met lagere kosten, hield Koks de boeren voor. Het is mooi om te zien dat veel akkerbouwers meegingen en die stukjes behielden of juist weer terugbrachten in de oorspronkelijke staat. Maar niet alle boeren, er waren er ook die geen trek hadden in Ben Koks bemoeienis en zij voerden aan dat ze door te lage prijzen voor hun producten juist alles uit elke meter grond moeten halen.

In het boek wordt (te) weinig gesproken over de rol van consumenten, supermarkten en overheden. Zij houden immers mede het systeem van te lage prijzen voor groenten in stand. Nu krijgen de akkerbouwers die niet willen meewerken en hun belangenorganisatie LTO als enige de schuld. Maar als het ergens in de keten niet goed gaat, dan kunnen boeren dat niet alleen veranderen. Dit al te gemakkelijk ageren tegen de boeren is het enige minpunt in het verder schitterende boek van natuurjournalist en schrijver Elvira Werkman.

Roeland Dobbelaer
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


Grauwe kiekendief
In het boek vertelt Werkman minutieus het verhaal van Ben Koks en de grauwe kiekendief in Nederland. De grauwe kiekendief was geen veelvoorkomende broedvogel in Nederland, eerder een dwaalgast, maar door het toedoen van Ben Koks werd hij dat wel.

De vogel broedt midden in bewerkt akkerland op de grond, tussen graan bijvoorbeeld. Koks ontdekte in 1990 een paartje op een akker in Oost-Groningen, een zeldzame vondst dus, ging naar de boer en vroeg hem hij of 40 m2 rond het nest niet wilde maaien en bewerken. Het nest werd gered en er kwamen meer grauwe kiekendieven in Nederland. Koks begon een werkgroep en met zijn mensen bracht hij alle paartjes in kaart. Hij ging alle boeren af met ‘kieken’ op hun akker.

Niet alle landbouwers waren meteen enthousiast om stukken grond onaangeroerd te laten, maar boer na boer ging om en kreeg er lol in om de mooie vogel op hun landerijen te hebben. Zeker omdat Koks wist te vertellen dat het hoofdonderdeel van het diner van een grauwe kiekendief muizen zijn en die kan een boer missen als kiespijn, op zijn boerderij, maar zeker ook op zijn velden. Inmiddels broeden er gemiddeld 50 paartjes op de Nederlandse akkers, de meeste in Groningen.

Als het mannetje een prooi heeft roept hij het vrouwtje, die vliegt dan naar hem toe, onder hem. Hij laat de prooi vallen en zij pikt het eten in de lucht op en vliegt naar het nest
Voeren in de lucht
De grauwe kiekendief is een kleine kiekendief, met een aantal bijzondere kenmerken. Het mannetje jaagt, het vrouwtje broedt en verzorgt de jongen. Als het mannetje een prooi heeft roept hij het vrouwtje, die vliegt dan naar hem toe, onder hem. Hij laat de prooi vallen en zij pikt het eten in de lucht op en vliegt naar het nest. Het mannetje kan zo zonder tijdverlies verder jagen. Dat moet wel, want soms heeft het mannetje meerdere vrouwtjes en dus meerdere nestjes, en dat is hard werken.

Bijzonder is hoe de grauwe kiekendief, een zomergast, zijn tochten naar het zuiden aflegt. Vanaf 2006 bevestigde de werkgroep bij tientallen kieken een kleine zender op de rug, van een super licht gewicht en sindsdien weten we hoe ze vliegen. Neem bijvoorbeeld grauwe kiekendief Merel, genoemd naar de dochter van vrijwilliger Erik. In 2006 werd de vogel gevangen en kreeg ze een zender om. Op 5 augustus vertrok ze naar het zuiden. Via Frankrijk en Spanje vloog ze over de Middellandse Zee. Op 10 september was Merel in Marokko, daar verbleef ze tien dagen, waarschijnlijk om aan te sterken. Daarna ging de reis via Algerije, Mauritanië naar Senegal, waar de roofvogel lange tijd in de winter verbleef.

Het is natuurlijk fantastisch om te weten hoe de trektocht van de vogels gaan. Een kiekendief kan wel vijftien jaar worden en als je dan van zo’n vogel een jaar of vijf of zes kunt volgen waar hij of zij allemaal zit, levert dat een schat aan informatie op over het gedrag van de beesten. Nog bijzonderder werd het toen Ben Koks en zijn ploeg naar Afrika, naar de savanne, gingen om te kijken hoe de kiekendieven daar overwinteren.

In de binnenlanden van Senegal zagen ze soms wel 4.000 grauwe kieken samen op een veld zitten, als het ware een grote vergadering, samen de wereld bespreken. De kiekendieven zijn in de zomer in heel (noord-)Europa te vinden, maar dan nooit dicht op elkaar. Omdat in Afrika de voornaamste voedselbron sprinkhanen zijn, en daar zijn er nogal wat van, is er minder onderlinge concurrentie en kunnen ze op genoemde bijeenkomsten vrolijk samen zijn. In Europa kan dat niet.

Prachtig zijn de beschrijvingen als Koks en zijn mensen daar in Afrika ‘hun’ kieken spotten, door signalen te volgen uit de zenders die ze zelf in Groningen bij de vogels hebben omgedaan. En dan kom je zo’n prachtige wilde vogel weer tegen, maar op een ander continent, 5.000 kilometer verder. Als je daar niet blij van wordt…

Man op de dijk vertelt het verhaal van de vogelbescherming, van de opkomst van de grootschalige landbouw, van de mogelijkheden om landbouw een andere richting in te krijgen. Voor elke natuurliefhebber een absolute aanrader. Maar ook voor elk boer die anders en meer milieuvriendelijk wil produceren. Man op de dijk vertelt op elke bladzijde waarom dat belangrijk is.

Op deze video bevestigen Ben Koks en zijn mensen een zender bij een grauwe kiekendief.



De man op de dijk, Het grenzeloze verhaal van de grauwe kiekendief werd geschreven door Elvira Werkman en verscheen in november 2018 bij Knnv Uitgeverij.
Dit artikel afdrukken