Geen enkele vermelding op de verpakking, maar op de stockkaart stond er “sailing boat lo han kuo”, 60 cent per stuk. De dame aan de kassa wist blijkbaar goed wat het was, want ze moest niet eens naar de naam zoeken. En toch is dit geen exotisch fruit als een ander. Het lag immers niet in de fruitafdeling, maar tussen de zoetigheden. Eigenaardig.

Klimplant
Thuisgekomen blijkt er niets van in mijn fruit- en groenteboeken te staan. Maar gelukkig is er nog het internet! Luohankuo (of luo han guo, in het Vietnamees: la hàn quà) wordt in het Engels ook wel monk fruit genoemd. Het is een klimplant uit de familie der Cucurbitaceae, de pompoenfamilie.

Daar komen veel klimplanten in voor, zoals de komkommer, maar eigenlijk ook de meloenen en pompoenen, ware het niet dat de vruchten wat zwaar zijn om in de hoogte te worden gehangen. Dus noemen we dat kruipende planten.

Over het hoofd gezien
In China wordt de plant al eeuwen, misschien zelfs millennia gebruikt, maar voor de wetenschap is er iets geks mee aan de hand. De plantkundigen en andere wetenschappers hebben deze komkommer volledig over het hoofd gezien.

In de Verenigde Staten kwam in 1917 iemand met een gedroogde luohanguo op het ministerie van landbouw aankloppen. Hij had die gekocht in een Chinese winkel en wou weten wat het was. Niemand wist ervan. Zelfs in China wist men nauwelijks wat van de plant omdat de kweek en handel van de vrucht in handen waren van het Zhuang-volk, een minderheid die vooral in de regio Guanxi in Zuid-China leeft. De kweek gebeurt in de warme maar mistige bergen van Guilin. De Zhuang hielden de plant zelf zorgvuldig geheim voor de buitenstaanders.

Nick Trachet
Word lid

Fijn dat je Foodlog leest! Dit artikel is gratis. Wil je dat wij kunnen blijven bestaan? Steun ons dan en word lid. Dat kan al vanaf €5,- per maand.


De wetenschap gaat met rare sprongen vooruit
Het eerste wetenschappelijk rapport over luohangkuo werd pas in de jaren 1930 van de vorige eeuw gemaakt en gaf aanleiding tot een expeditie van de Amerikaanse National Geographic Society. De volledige beschrijving was rond in 1941 en na wat herzieningen kreeg de plant uiteindelijk de naam Siraitia grosvenori, naar Gilbert H. Grosvenor, de voorzitter van de National Geographic die de expeditie had gesteund.

Het verhaal doet wat denken aan dat van de okapi die in Congo werd ‘ontdekt’ in 1905, of van die Vietnamese hertensoorten die pas een twintigtal jaren geleden werden gevonden. De lokale bewoners kenden de dieren al lang en aten ze met veel plezier op, maar voor de wetenschap waren ze onbekend tot één of andere bioloog er een gewei van vond op een markt. De wetenschap gaat met rare sprongen vooruit.

Het vruchtvlees bevat 1% mongroside, een “triterpeenglucoside” voor wie daar iets aan heeft. Het zou driehonderd maal zoeter zijn dan suiker
Zoet drankje
Nu heeft die balvormige vrucht wel een naam, maar wat is het en waar dient het voor? Voor de handel worden de vruchten gedroogd. Hoe? Dat moet je nog altijd aan de Zhuang vragen. Want ook daar is nog maar recentelijk onderzoek naar gestart. Toen ik las dat de gedroogde vrucht - redelijk - veilig is, maakte ik er één open en beet ik erin. Het droge spul ziet er inderdaad uit als een gedroogde meloen, met veel pitjes. Zoet. Maar meer dan dat ook niet.

Op de pagina’s gewijd aan Luohankuo, wordt het gebruik aangeraden bij warm weer, en als medicijn tegen zonnebrand of keelpijn. Het zou ‘koelend’ werken, maar we weten nu dat zo’n termen uit de humorenleer stammen, een voorbijgestreefd ideeëngoed. Breek de droge inhoud in een theepot en giet er heet water op. Er ontstaat een zoet drankje. Als je verder gaat zoeken, merk je dat het eigenlijk vooral een zoetmiddel is.

Alternatief zoetmiddel
Met de opkomst van de zoetmiddelen, en vooral door de angst voor de synthetische sacharine en aspartaam, is een zoektocht begonnen naar andere, meer ‘natuurlijke’ en vooral goedkopere zoetmiddelen. Enkele jaren geleden was er heel wat te doen rond stevia. Een zoetstof uit de bladeren van een Zuid-Amerikaanse plant.

Luohankuo is ook zo een alternatief zoetmiddel. Het vruchtvlees bevat 1% mongroside, een “triterpeenglucoside” voor wie daar iets aan heeft. Het zou driehonderd maal zoeter zijn dan suiker. Ondanks het feit dat stevia ondertussen al gemeengoed is geworden, heeft Procter & Gamble alvast een patent genomen op de extractie van mongroside uit luohankuo voor industrieel gebruik. Misschien horen we er later meer van, als er ooit iets mis zou blijken te zijn met stevia?

Maar daarom stonden die vruchten dus tussen de koekjes en de suiker, en niet bij het fruit. Smakelijk.
Dit artikel afdrukken